Zelf aan het roer van je loopbaan

 

Hoge kosten door stress en psychosociale arbeidsbelasting - Van Akker Vindt 2016

Heb je gemerkt dat er de laatste jaren door bijvoorbeeld het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heel veel aandacht besteed wordt aan stress op het werk? Het TNO beraamt dat de kosten van psychosociale arbeidsbelasting in 2012 zo’n 2,2 miljard euro bedroegen voor werkgevers. Dat is veel geld dat ook anders besteed had kunnen worden. En minstens zo belangrijk: al die stress levert ook heel veel persoonlijk leed op voor de werknemers die werkstress ervaren.

Vier op de tien medewerkers ervaren hoge taakeisen

Zomaar even wat cijfers over psychosociale arbeidsbelasting (PSA) en werkstress in het bijzonder? Volgens datzelfde TNO hebben ongeveer vier op de tien werknemers te maken met hoge taakeisen. Dat zijn dus zo’n 2,7 miljoen individuele werknemers die niet of alleen met grote moeite kunnen voldoen aan de eisen die het werk aan hun stelt en weinig mogelijkheden ervaren om hier zelf iets aan te veranderen. Dat zijn veel, heel veel mensen die op hun tenen lopen op hun werk en daardoor waarschijnlijk uiteindelijk ook (langdurig) ziek worden. Hoge taakeisen en weinig autonomie leiden tot werkstress - Van Akker Vindt 2016Het TNO becijfert dat het in Nederland gaat om 868 duizend verzuimdagen ten gevolge van een hoge werkdruk, werkstress of werk dat te moeilijk is. Het is duidelijk dat de aandacht voor stress op de werkvloer terecht is. Natuurlijk is het belangrijk dat deze onderwerpen bespreekbaar gemaakt worden, er op de werkvloer van alles gedaan wordt om de werkstress zoveel mogelijk te voorkomen en het gesprek aan te gaan wanneer een medewerker toch aangeeft het werk minder goed aan te kunnen.

Het belang van de goede match tussen de mens en zijn werk

Natuurlijk kan je er op de werkvloer veel doen om werkstress zoveel mogelijk te voorkomen. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat bijvoorbeeld een gebrek aan autonomie en regelmogelijkheden en sociale steun van collega’s en leidinggevenden een negatieve invloed hebben op het welzijn van de werknemer. Maar net zo belangrijk is dat er een goede match is tussen de werknemer en zijn werk. Het gaat daarbij om meer dan een goede match tussen de vaardigheden van de werknemer en zijn werkzaamheden, waar bij veel sollicitatieprocedures de nadruk op ligt. Zelfkennis als basis voor zelfregie in de loopbaan - Van Akker Vindt 2016Naast kennis en vaardigheden is een goede match met de werknemer en zijn werkomgeving ook belangrijk. Kennis, vaardigheden en competenties zijn belangrijk, maar er moet ook een match zijn met bijvoorbeeld de bedrijfscultuur. De waarden en drijfveren van de werknemer moeten bij de organisatie passen en vice versa en om duurzaam inzetbaar te blijven moet er voor de werknemer voldoende ruimte zijn om zichzelf te blijven ontwikkelen. Stilstand is achteruitgang, ook in de wereld van werk.

Zelfkennis ligt ten grondslag aan zelfregie

Om ervoor te zorgen dat mensen en hun werk op alle fronten goed bij elkaar passen, zodat ze duurzaam inzetbaar blijven, is het van belang dat de individuele werknemer inzicht krijgt en houdt in zijn eigen kennis, kunde, waarden en drijfveren. Zo’n pakketje zelfkennis heeft een aantal voordelen, mensen leren waar hun kracht ligt, waar ze zich nog in kunnen ontwikkelen en waar hun drijfveren liggen. Dit zelfinzicht draagt bij aan het maken van bewuste en beter passende keuzes in de eigen loopbaan en stelt medewerkers in staat hieraan zelf richting te geven. Dit is hard nodig in een tijd dat de baan voor het leven niet meer bestaat en de jongste generaties op de werkvloer tot ruim na hun zeventigste zullen moeten doorwerken. Duurzame inzetbaarheid is erbij gebaat wanneer mens en werk zo goed mogelijk bij elkaar passen. Dat begint erbij dat zelf medewerkers aan het roer van hun loopbaan (leren) staan.

Zelf aan het roer van je loopbaan - Van Akker Vindt 2016

Advertenties

Vier redenen om vooral níet te netwerken

Vier redenen om vooral níet te netwerken - Van Akker Vindt 2016

Veel mensen zijn op zoek naar ander werk, omdat ze werkloos zijn of dreigen werkloos te worden, of omdat ze klaar zijn voor een nieuwe stap in hun loopbaan. De economische teruggang heeft er flink in gehakt bij veel bedrijven en veel mensen hebben de afgelopen jaren moeten omkijken naar een nieuwe werkkring. Anderen zien het aantrekken van de economie op dit moment als goed moment om alsnog nieuwe stappen te zetten waar ze de afgelopen jaren hebben ingezet op zekerheid van de baan die ze hadden. Natuurlijk kan je klassiek solliciteren, maar een andere goede manier om je kansen op de arbeidsmarkt te verkennen en te vergroten is door te netwerken.

  1. ‘Maar ik ga niet bedelen om een baan’

Veel mensen denken ten onrechte dat netwerken vooral gaat om het aanknopen van gesprekjes met als doel het vragen om een baan. Dat zien ze niet zitten. Dat komt goed uit, want netwerken is nadrukkelijk niet het vragen om een baan. Bij netwerken gaat het vooral om het aangaan van het gesprek met mensen die je wel of nog niet kent om advies te vragen of kennis uit te wisselen. Stel dat je wilt veranderen van branche of droomt van een heel ander beroep, dan is het goed om eens te horen van iemand hoe hij zijn werk ervaart, om advies te vragen over welke kennis en vaardigheden je nodig hebt om dat beroep uit te voeren enzovoort. Heel veel mensen vinden het leuk wanneer andere mensen interesse tonen en zijn graag bereid om iets over zichzelf en hun werk te vertellen en hun kennis te delen, dus er is geen reden om er tegen op te kijken.

  1. ‘Maar ik ken niemand’Je kan met iedereen netwerken Van Akker Vindt 2016

Misschien denk je wel dat je niemand kent, maar iedereen kent mensen: je familie, je vrienden, je buren, mensen van je sportclub enzovoort enzovoort. Denk niet: maar zij zitten niet in de branche waarin ik een baan zoek. Het zou zomaar kunnen dat zij op hun beurt wel mensen kennen die in die bedrijfstak zitten en jou bij die mensen kunnen en willen introduceren.

  1. ‘Maar ik ben helemaal niet op zoek’

Zelfs als je niet op zoek bent, is het slim om te netwerken. Dat kan buiten je eigen organisatie, zodat je je blik verbreedt en inzicht hebt in wat jouw kennis en kunde op de arbeidsmarkt waard zijn. Maar dat kan ook binnen je eigen organisatie. Zeker wanneer je bij een wat grotere organisatie werkt, kan het helemaal geen kwaad om eens een praatje aan te knopen bij een bedrijfsuitje, of dichter bij huis bij de koffiecorner of het kopieerapparaat. Wanneer je ook mensen kent en spreekt buiten je eigen team, weet je beter wat er binnen je organisatie speelt, maar kan het ook zijn dat je via informele weg hoort dat er een vacature vrij komt die je misschien wel aanspreekt. Wanneer je dan al warme contacten hebt met het team in kwestie en weet wat ze doen, kan dat helpen om je een streepje voor te geven als je besluit intern te solliciteren.

  1. ‘Maar ik vind netwerken eng’

Als je nog nooit genetwerkt hebt, vind je de gedachte dat je met bekenden of onbekenden het gesprek zou moeten aangaan misschien wel een beetje eng. Zeker wanneer je niet de meest extraverte persoon van het noordelijk halfrond bent, kan ik me goed voorstellen dat je er tegenop kijkt. Netwerken gebeurt vaak op events zoals speciale netwerkborrels of congressen, waar heel veel mensen rondlopen. Je kan het jezelf gemakkelijker maken door alvast te beginnen met online netwerken, bijvoorbeeld met behulp van Twitter of Linkedin.Netwerken hoeft niet eng te zijn - Van Akker Vindt 2016 Met zulke platforms kan je op informele manier kennis opdoen en contact leggen met mensen uit jouw werkveld, of het werkveld dat je ambieert. Het zou zomaar kunnen dat je dan op dat congres of die borrel mensen in het echt spreekt die je voor je gevoel al kent van bijvoorbeeld Twitter.

Netwerken hoeft niet per se in grote groepen

Zo werd ik zelf onlangs op een HRM-congres verrast door iemand die zei dat ze me van Twitter kende en dat ze dit blog zo leuk vond. Ze wilde graag na het plenaire deel nog graag even zou spreken: zo gezegd zo gedaan. Het kan dus zelfs zijn dat mensen op een gegeven moment op jou afkomen en het initiatief nemen! Mocht je wel op zo’n event rondlopen waar je wel al mensen kent, of net met iemand hebt kennis gemaakt, kan je ook andere mensen aan elkaar introduceren. Dat wordt zeker gewaardeerd en versterkt op jouw beurt ook je eigen netwerk. Ten slotte kan je natuurlijk via Twitter of Linkedin een één op één afspraak maken, zodat je in alle rust een gesprek kan voeren en je niet per se in zulke grote groepen hoeft te bewegen. Dat ligt nou eenmaal niet iedereen.

De 80/20-regel bij netwerken

Netwerken is uiteindelijk vooral geven en delen, zonder direct iets terug te verwachten. Wat in ieder geval van belang is dat je niet direct ‘return on investment’ verwacht. Je kan beweren dat hier de 80/20-regel geldt: 80 procent van het resultaat komt van 20 procent van de investeringen die je gedaan hebt en dat dat ook niet per ommegaande gebeurt. De 80-20 regel bij netwerken - Van Akker Vindt 2016Zorg dat je de mensen met wie je contact hebt gelegd in het kader van je netwerkactiviteiten op de hoogte houdt en op jouw beurt ook iets kan bieden. Dat kan het delen van een interessant krantenartikel zijn, hem of haar introduceren bij iemand uit jouw netwerk of door iemand te wijzen op een leuke vacature.

Netwerken is vooral ook heel leuk om te doen!

Wanneer je een keer de smaak te pakken hebt van netwerken, zal je merken dat het vooral ook heel erg leuk is. Je spreekt leuke mensen, je hoort interessante dingen en je kan zelf op jouw beurt ook iets betekenen voor anderen en dat is gewoon heel erg fijn. Dus ongeacht of je nu zoekt naar een nieuwe baan of nog niet: het is goed om te netwerken. Dat is goed voor je werkzekerheid en je daarmee ook voor je inzetbaarheid en je blijft goed op de hoogte van wat er nu en in de toekomst nodig is om je loopbaan vorm te geven. Dat is heel veel waard en waarom zou je het niet doen als het toch heel erg leuk is om te doen?

Netwerken is vooral heel leuk om te doen Van Akker Vindt 2016

 

Een paar levenslessen van oude wijzen of wijze ouderen

levenslessen van oude wijzen of wijze ouderen Van Akker Vindt 2016

In dit blog heb ik het al verschillende keren gehad over ouderen op de arbeidsmarkt en dat zelfs die veertigers soms al als ‘te oud’ worden gezien. Absurde toestanden. In het vorige blog ging het over de inzichten van mensen die terug keken op hun leven. Ik blijf nog even een blog lang in de hoek van de oude wijzen of wijze ouderen. Ruim duizend ouderen die nog vol in het leven stonden werden geïnterviewd door geriater Karl Pillemer. Hij bevroeg deze oudere medemensen over hun visie op relaties, werk, leven, kinderen en persoonlijk geluk. Pillemer heeft er een boek vol over geschreven en dat ga ik hier niet doen, dus ik pik die dingen eruit die ik het meest relevant vind voor dit blog. Dat je vooral met iemand een relatie moet beginnen die veel op je lijkt en hoe je kinderen moet opvoeden laat ik dus even links liggen. Hier de adviezen van de ‘oudjes’:

Kies werk op basis van intrinsieke motivatie en niet voor het geld

Choose a job you love and you will never have to work a day in your life. Van Akker Vindt 2016Op internet zie je hem weleens voorbij komen: “Choose a job you love and you will never have to work a day in your life.” De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik daar nogal nuchter in ben. Voor veel mensen is werk gewoon werk en ik zie weleens cijfers voorbij komen dat negen op de tien medewerkers niet bevlogen zouden zijn. Degenen die wel bevlogen zijn, horen blijkbaar tot het topje van de ijsberg dat inderdaad van hun baan houdt. Ook voor bevlogen mensen is werk nog steeds werk zou ik denken, maar dan in ieder geval werk dat ze veel meer biedt dan alleen geldelijk gewin.

Wat ik wél geloof, is dat je je werk zou moeten kiezen op basis van de intrinsieke waarde. Er is tal van onderzoek dat uitwijst dat boven een bepaalde standaard mensen niet speciaal gelukkiger meer worden van meer geld. De oudjes uit het onderzoek gaan zelfs nog een stap verder en beweren dat hoe meer je verdient, hoe ongelukkiger je ervan wordt! Dat is een vrij boude stelling. De gedachte erachter is dat je voor al dat geld toch echt moet ‘werken’ waar je dat niet zou doen wanneer je werk doet waar je van houdt. Wat die oudjes zeggen is dus ook ongeveer wat ik lees over de generatie Y, die vooral voor de intrinsieke waarde van het werk gaat. Lijkt me een verstandige keuze en hoewel er vast wel verschillen zijn tussen generaties, denk ik dat er genoeg anderen zijn die er zo over denken. Ook ik als exponent van de generatie X! Net als de bevraagde senioren geloof ik ook dat je jezelf moet gunnen om alsnog die leuke baan met de nodige autonomie te vinden waar je je ei in kwijt kan en dat je niet alleen moet werken aan je vakkennis maar ook aan je emotionele intelligentie.

Ga vaker op reis, dat is goed voor je relativeringsvermogen Van Akker Vindt 2016

Krijg geen spijt en vergeef anderen

Leven zonder spijt achteraf lijkt volgens Pillemer vooral een neveneffect te zijn van trial and error, dus leren door dingen uit te proberen en soms ook te falen. Hoewel veel van de ondervraagden iets zeiden over leven zonder spijt, gaven ze tegelijkertijd ook aan dat dit voor veel mensen niet haalbaar is. Ik heb de details er niet bij gezocht, maar je zou je afvragen of deze mensen dan vinden dat ze wijzer zijn dan anderen als velen van hen dit denken? In dat geval is niks menselijks ook de oudjes niet vreemd.

Wat ze wel aangeven, is dat het belangrijk is dat ze hebben geleerd zichzelf en anderen met al hun beperkingen, missers en teleurstellingen te accepteren en waar nodig vergeven. Die vergevingsgezindheid is niet alleen zodat mensen zich er makkelijk van af kunnen maken, maar vooral om het eigen leven wat lichter te maken. Te lang stil staan bij alle fouten en wat er mis is gegaan, kost onnodig veel tijd en energie die ook op een prettigere manier had kunnen worden aangewend. Vergeving is een vorm van het loslaten van wat achter je ligt en ruimte te maken voor het heden. Verder vinden ook deze oudere mensen (net als in het vorige blog) het belangrijk om eerlijk naar zichzelf en anderen te zijn en je gevoelens te uiten. Verder wordt vaker op reis gaan aangehaald als iets om zeker te doen. maak je niet teveel zorgen Van Akker Vindt 2016Als reisliefhebber kan ik het daar alleen maar hartgrondig mee eens zijn. Reizen biedt avontuur, een venster op de wereld en het nodige relativeringsvermogen. Ook wij polderklagers hebben het ondanks ons gezeur echt niet zo slecht, zeker niet wanneer we ons leven vergelijken met mensen die de pech hadden om in een minder welvarend of veilig land geboren te worden.

Kies voor je geluk

Kiezen voor geluk kwam ook in het vorige blog al aan de orde. Geluk is iets wat we ondergedompeld in de dagelijkse beslommeringen lijken te vergeten. Ook hier halen Amerikaanse senioren aan dat het geluk in hun zelf zit en ze daar zelf verantwoordelijk voor zijn. Geluk moet volgens deze mensen dan ook niet afhangen van dingen buiten hen zelf. Dit is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Weinig mensen zijn zo verlicht dat ze niet zo nu en dan een keer uit het veld geslagen worden door iets wat hen overkomt. Het kan verkeren, kortom. Ten slotte adviseren de ouderen nog om je te richten op de korte termijn, je niet teveel zorgen te maken, te genieten van de kleine dagelijkse dingen en om vertrouwen te hebben. Wie kan het daar nou mee oneens zijn?!

genieten van de kleine dagelijkse dingen Van Akker Vindt 2016

 

Vraagje: voor wie leef jíj eigenlijk?

Voor wie leef en werk je Van Akker Vindt 2016

In mijn vorige blog schreef ik over een onderzoek dat onder andere uitwees dat vooral mensen die meer werken dan ze zelf het liefst willen, daar negatieve psychische effecten van ondervinden. Op dat blog kwam een reactie van een voormalige collega, die zei dat politici mensen best mogen oproepen om meer te werken en dat mensen die in deeltijd werken soms ook meer willen werken om hun inkomen op peil te brengen. Laat ik helder zijn: politici mogen roepen wat ze willen. Ook zij leven in een (relatief) vrij land. En natuurlijk snap ik dat er mensen zijn die meer willen werken om voldoende inkomen te genereren. Ik heb nergens gepropageerd dat iedereen in deeltijd zou moeten werken, maar wél dat mensen hun eigen keuzes moeten maken en tenslotte constateerde ik dat Nederland als kampioen deeltijdwerken door de bank genomen behoorlijk gelukkig is.

Aanzwengelen vaderlandse economie als individueel levensdoel?

Aanzwengelen vaderlandse economie als levensdoel Van Akker Vindt 2016Vooral het laatste zinnetje in de reactie dat meer werken goed is voor de economie is bij me blijven hangen. De vraag is natuurlijk waartoe wij op aard zijn en of het aanzwengelen van de vaderlandse economie voor mij en anderen in dit land op individueel niveau de reden voor ons bestaan op deze aardkloot is. Ik maak mezelf in ieder geval graag en met overtuiging wijs dat het laatste niet zo kan zijn. Als je ook met minder dan een voltijds baan in je levensonderhoud kan voorzien en vrije tijd en vrijheid belangrijker vindt dan geld op de bank, lijkt mij dat een keuze die je vrijelijk en weloverwogen moet kunnen maken. Dat kan ik zelf vinden op basis van mijn persoonlijke waarden en dat kan ik vinden op basis van het aangehaalde onderzoek. Maar misschien is er nog wel iets wat de moeite waard is om hier aan te halen.

Op hun sterfbed wensen mensen dat ze dingen anders hadden gedaan Van Akker Vindt 2016

Op hun sterfbed wensen mensen dat ze dingen anders hadden gedaan

Een paar jaar geleden ging een bericht van een de palliatief verpleegkundige Bronnie Ware viral. Daarin schreef Bronnie over een aantal zaken waarvan mensen op hun sterfbed aangaven spijt te hebben. Op nummer twee stond dat vrijwel alle mannen (het ging om een generatie waarin zij vrijwel altijd de kostwinners waren) achteraf wensten dat ze minder hadden gewerkt en meer tijd aan de mensen om zich heen hadden besteed. Voor deze mensen is het ergens natuurlijk ontzettend tragisch dat zij te laat tot dit inzicht zijn gekomen om er nog iets aan te kunnen doen. Misschien zijn wij die hiervan kennis nemen het wel aan hun en zeker ook aan onszelf schuldig om daarvan te leren en bewuster om te gaan met de tijd die we hebben op deze aardkloot en deel ik de top vijf van dingen waar mensen spijt van hadden op hun sterfbed nog maar eens.Ter lering en ter aanpassing zullen we maar zeggen, want vermakelijk is het niet wat mij betreft. Daarom hier nog eens de top vijf van dingen waarvan mensen op hun sterfbed aangaven dat ze die graag anders hadden gedaan:

  1. Ik zou willen dat ik de moed had gehad om mijn leven naar mijn eigen inzicht te leiden in plaats van het leven te leiden dat door anderen werd verwacht

Aanzwengelen economie als individueel levensdoel Van Akker Vindt 2016Dit was het meest algemene en meest voorkomende punt van spijt. Wanneer mensen beseffen dat hun leven ten einde loopt, krijgen mensen een duidelijk beeld van al die dromen die niet in vervulling zijn gegaan. De meeste mensen hadden nog niet eens de helft van hun dromen vervuld en beseften op hun sterfbed dat dit samenhing met de keuzes die ze hadden gemaakt, of juist hadden nagelaten te maken.

Zo goed en kwaad als het soms gaat, probeer ik mijn dromen en wensen al na te jagen. We hebben immers niet het eeuwige leven en we blijven niet altijd gezond. Dus doe de dingen die je wilt, zolang het nog kan en je gezondheid het nog toelaat. Dat kan zomaar veranderen. En mocht een wild plan mislukken? Nou dan weet je in ieder geval dat je het hebt geprobeerd. Lijkt mij nog altijd aangenamer om dat te constateren, dan op je sterfbed te denken ‘had ik maar…’

  1. Ik zou willen dat ik niet zo hard had gewerktAanzwengelen economie als levensdoel Van Akker Vindt 2016

Zoals gezegd gaven alle mannen dit aan op hun sterfbed. Ze hebben hun kinderen niet zien opgroeien en hebben het gezelschap van hun geliefde gemist. Ook de vrouwen vonden dit jammer, maar de meeste vrouwen van die generatie waren geen kostwinners. De mannen vonden het zonder uitzondering jammer dat ze zoveel tijd en energie hadden gestopt aan hun werk.

Je hebt zelf invloed op hoe je je leven inricht en je kan daarin bewuste keuzes maken. In dit blog heb ik bijvoorbeeld al eens aandacht besteed aan kleiner leven in tiny houses, zodat je minder kosten maakt en dus ook minder hoeft te werken. Met de ruimte die dat maakt in je leven, ben je gelukkiger en vrijer om keuzes te maken gebaseerd op je eigen waarden en voorkeuren.

  1. Ik zou willen dat ik de moed had gehad om mijn gevoelens meer te uiten

Je kunt de wind niet veranderen, maar wel de stand van je zeilen. Van Akker Vindt 2016Veel mensen onderdrukken hun gevoelens en emoties om de lieve vrede te bewaren. Daardoor hadden veel mensen zich neergelegd bij een middelmatig leven waarin ze nooit zijn geworden wie ze hadden kunnen worden. Bij veel mensen ontstonden ziektes die te maken hadden met de verbittering en wrok die ze voelden.

Je kunt de wind niet veranderen, maar wel de stand van je zeilen. Je hebt de reacties van anderen niet in de hand, maar wel die van jezelf. Mensen zullen niet altijd goed kunnen omgaan wanneer je eerlijk zegt wat je vindt, maar in veel gevallen zal uiteindelijk de onderlinge verhouding in positieve zin veranderen. Als de relatie niet in positieve zin verandert, zal de persoon in kwestie waarschijnlijk uit je leven verdwijnen. Hoewel dat pijnlijk kan zijn, ben je ook dan uiteindelijk beter af. Win win dus.

  1. Ik zou willen dat ik contact met mijn vrienden had gehouden

Veel mensen beseffen het belang van hun vriendschappen niet tot het einde van hun leven in zicht komt en op dat moment kan je ze niet altijd meer traceren. Veel van de patiënten van Bronnie Ware waren zo opgeslokt geraakt door hun eigen leven dat ze belangrijke vriendschappen hadden laten verwateren.

Iedereen heeft het druk en het kan heel makkelijk gebeuren dat vriendschappen op de achtergrond raken en verwateren. Geld en status zijn voor mensen op hun sterfbed niet langer belangrijk, ook niet als dat eerder wel zo was (of leek!) Natuurlijk willen mensen op hun sterfbed goed zorgen voor de mensen die achterblijven, maar uiteindelijk draait het toch om liefde en waardevolle relaties met anderen.

  1. Ik zou willen dat ik mezelf had toegestaan gelukkiger te zijnlekker gek doen Van Akker Vindt 2016

Ook deze spijtbetuiging kwam blijkbaar veelvuldig voor. “Veel mensen beseffen niet dat geluk een keuze is”, vindt Ware. “Mensen bleven hangen in oude patronen en gewoonten. Angst om ingesleten gewoonten te doorbreken, maakte dat ze zichzelf en anderen voorhielden dat ze tevreden waren, terwijl ze eigenlijk graag eens heel hard wilden lachen of eens lekker gek hadden willen doen.”

Ik heb het gelukkig zelf nog niet verleerd om lekker domme dingen te doen, thuis of in de openbare ruimte. Als je timing goed is, kan je zomaar meemaken dat ik een dansje doe in een winkel. Dat komt niet vaak voor, maar als het moment zich aandient, laat ik me niet weerhouden door de meningen van anderen. Veel mensen zijn bezig met wat anderen wel niet van je zullen denken, maar wanneer je terugkijkt op je leven dat bijna ten einde is, is dat helemaal niet meer van belang. (En nu dus ook niet!)

Ik kan het alleen maar eens zijn met de conclusie van Ware:

Life is a choice Van Akker Vindt 2016‘Life is a choice It is YOUR life.
Choose consciously, choose wisely, choose honestly.
Choose happiness’

Life is a choice Van Akker Vindt 2016

Oftewel: je hebt keuzes, het is JOUW leven. Maak bewuste keuzes, maak wijze keuzes, maak eerlijke keuzes. Kies voor geluk. Ik zou nog willen toevoegen: kies voor je eigen geluk. Je leeft maar een keer, dus maak er wat van!

Kies voor jouw geluk. Je leeft maar een keer, dus maak er wat van! Van Akker Vindt 2016

Verliesaversie: geldt ‘Van ruilen komt huilen’ ook in je loopbaan?

je tijd uitzitten in je baan is niet goed voor je inzetbaarheid vanakkervindt 2015

Gisteren publiceerde ik samen met een aantal collega’s een UWV-onderzoek over de arbeidsmarkt bij de overheid. Voor alle exacte ins en outs verwijs ik je graag naar het onderzoek zelf, maar wat mij al werkend aan dit onderzoek vooral opviel is dat bij de overheid in de wereld van werk niet zoveel lijkt te veranderen. Drie jaar geleden verdiepte ik mij in de arbeidsmarkt en inzetbaarheid in het openbaar bestuur en dan met name gemeenten en kwam ik erachter dat overheidsorganisaties door de bank genomen behoorlijk vergrijsd zijn (de gemiddelde leeftijd van overheidsmedewerkers ligt ongeveer 2 jaar hoger dan die van alle werkenden) en dat de baanmobiliteit laag ligt.

Ouder en wijzer?Ga niet je tijd uitzitten vanakkervindt 2015

Dit jaar verdiepte ik mij in overheidswerkgevers in bredere zin en kwam in grote lijnen het zelfde beeld naar voren. In grote lijnen, want inmiddels is de populatie gemiddeld nog een tandje ouder. Door het ophogen van de pensioenleeftijd en het feit dat prepensioen- en VUT-regelingen op de schop zijn gegaan. Of met het klimmen van de jaren bij deze medewerkers ook de wijsheid in eigen loopbaan is toegenomen is de vraag. De helft van de medewerkers in het openbaar bestuur is de afgelopen vijf jaar niet van baan gewisseld. En dat niet alleen: ook de medewerkers die in onderzoeken aangeven dat hun werk niet meer zo goed bij hun past, ondernemen niets om daar verandering in te brengen. In de publicatie ‘Werken is bewegen’ (ICTU, 2015) wordt deze groep die ongeveer 10 procent van de medewerkers beslaat, betiteld als de ‘vastzitters’. Geen sexy titel voor mensen die hun eigen baan ook al niet meer zo aantrekkelijk vinden dus…

Een fuik inzwemmen in je loopbaan beperkt je ruimte

Zelf kan ik me niet voorstellen, dat als ik het niet naar mijn zin zou hebben, dat ik me zelfs niet zou oriënteren op een nieuwe stap in mijn loopbaan. Dat ben ik en het zou zomaar kunnen dat ik niet representatief ben voor de gemiddelde werknemer in Nederland. Ik vraag me ergens ook wel af hoe het kan. Dit is deels wel onderzocht: veel ambtenaren zijn onzeker over hoe zij hun ambtelijke werkervaring kunnen vertalen naar een baan in de marktsector bijvoorbeeld en daarnaast hebben ambtenaren, zeker wanneer ze al lang op een bepaalde plek zitten, flink wat rechten opgebouwd die ze niet graag opgeven. Je zou kunnen beweren dat ze juist door zich niet te bewegen in hun loopbaan een fuik in zijn gezwommen, waar steeds minder ruimte voor beweging lijkt.

Verliesaversie is een slechte raadgever in loopbaankeuzes

Bovendien speelt een zekere angst om iets te verliezen mee: niet alleen geef je een
verhoudingsgewijs behoorlijk vaste baan op, maar bovendien weet je wat je hebt zolang je blijft zitten waar je zit. Uit onderzoek is al jaren bekend dat mensen in het algemeen ‘last hebben van’ verliesaversie: de pijn van een mogelijk verlies wordt sterker ervaren dan de vreugde die een even grote of misschien zelfs wel grotere winst zou opleveren. Oftewel kort door de bocht: verliezen doet meer pijn dan dat winnen een fijn gevoel oplevert. Het zit blijkbaar ingebakken in ons als homo sapiens. In een wereld waar de baan voor het leven uitsterft en flexwerk zijn intrede heeft gedaan is dat niet handig.

Werk dat bij je past geeft je energie

Komt van ruilen huilen in je loopbaan vanakkervindt 2015Wanneer je immers wel zou durven een stap binnen of buiten of naast (denk aan combibanen en hybride werken) je eigen organisatie te maken, wanneer elders meer ruimte lijkt te zijn om dingen te doen die bij je passen en waar je blij van wordt, is dat goed voor jezelf en je loopbaan. Je zit niet alleen langer je uren uit aan hetzelfde bureau waar je al jaren zat tot je eindelijk eindelijk met pensioen ‘mag’, maar je zet je kwaliteiten in. Dat zijn dingen waar mensen blij van worden en die hen energie geven en dat is dan weer goed voor hun inzetbaarheid, vitaliteit en employability. Stel dat je een nieuwe loopbaanstap maakt en zomaar ineens niet meer naar je pensioen hoeft toe te leven? Het moet niet gekker worden!

Een college over verliesaversie dan maar?

De mensen die zich met HRM en duurzame inzetbaarheid bij de overheidswerkgevers bezig houden vertel ik natuurlijk helemaal niets nieuws. Die zijn al volop bezig om er alles aan te doen om de inzetbaarheid van de eigen medewerkers te bevorderen. Maar blijkbaar is het nog lang niet genoeg, want voorlopig blijft die mobiliteit bij overheidsmedewerkers laag. Als zij dan toch door krimp in de organisaties, of wat voor reden dan ook hun werk verliezen, zal het transitiebudget vooral mosterd na de maaltijd zijn. Voor zowel die één op de tien ambtenaren als voor de samenleving zelf lijkt het mij heel wat waard wanneer zij niet meer vastgeroest op hun plekje blijven zitten. De hamvraag is natuurlijk hoe je dat voor elkaar gaat krijgen. Ik ben bang dat een klein college over de irrationaliteit van menselijke keuzes, heuristiek en verliesaversie deze groep niet alsnog in beweging zal krijgen. Jammer, want volgens mij hoeft van ruilen niet altijd huilen te komen. Zeker niet in je loopbaan. 

Misschien maakt een loopbaanwissel je wel blij vanakkervindt 2015

NEA 2015: Later in je loopbaan beter op je plek

ict heeft last van kwalificatieveroudering Van Akker Vindt 2015

Vandaag zijn de eerste resultaten van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) door TNO en CBS gepubliceerd. Dit is een grote steekproef waarin werknemers worden bevraagd over verschillende aspecten die te maken hebben met -heel verrassend- hun arbeidsomstandigheden. Juist ja. Nu naar hun persbericht over kwalificatieveroudering en de vraag in hoeverre werk en vaardigheden onder Nederlandse werknemers goed bij elkaar passen.

Nieuwe kennis en kunde ontbreekt bij bijna kwart werknemers

In hun persbericht geven TNO en CBS aan, dat bijna een kwart van alle werknemers (23 procent) aangeeft dat zijn kennis of vaardigheden missen die belangrijk zijn om hun werk goed te kunnen doen. Het gaat bijvoorbeeld om technologische en organisatorische kennis en kunde. Dit blijft niet zonder gevolgen want het persbericht vervolgt dat deze groep werknemers minder tevreden zijn, vaker ziek zijn en veel vaker burn-outklachten hebben.

Kwalificatieveroudering in ict door snelle technologische ontwikkelingen

Het ontbreken van deze kennis, zogenaamde kwalificatieveroudering, komt het meest voor in de informatie- en communicatiesector, oftewel de ict. De oorzaak ligt vooral in het feit dat de snelheid waarmee technologische ontwikkelingen elkaar opvolgen, heel erg hoog ligt en voor relatief veel ict-, netwerk- en dataspecialisten bijna niet bij te benen is.

Bij meeste werknemers sluit werk aan op kennis en vaardigheden

Tot zover deze kort door de bocht weergave van het persbericht dat gepubliceerd is over de NEA. Ik ben zelf ook even in de NEA gedoken en las dat ruim 60 procent van de Nederlandse werknemers in 2014 van mening was hun kennis en vaardigheden goed aansluiten bij hun werk. Dat is alvast mooi, want ruim zes op de tien werknemers doet voor wat betreft kennis en kunde iets dat bij hem of haar past en dat is dan weer goed voor hun inzetbaarheid en werkplezier.

Naarmate loopbaan vordert verbetert match tussen mens en werk

Vrouwen vinden iets vaker dan mannen dat hun werk goed aansluit en naarmate de loopbaan vordert blijken mensen steeds beter op hun plek te zitten. Aan het begin van de loopbaan geeft bijna 45 procent van de jongeren tot 25 jaar aan, dat hun competenties en hun werk goed op elkaar aansluiten. Bij de groep van 25-44-jarigen groeit dit tot ruim 64 procent en tot het pensioen groeit het nog ietsjes door met bijna 67 procent. Mijn aanname is dat het adagium “Ken uzelf” naarmate de werkzame jaren vorderen steeds meer opgang doet.

Helft jongeren werkt onder zijn niveau

Je kan ook andersom redeneren en constateren dat de match bij ongeveer vier op de tien werknemers niet ideaal is en dat dat over de hele beroepsbevolking wel heel veel mensen zijn die niet goed op hun plek zitten. Bijna de helft van de jongeren tot 25 jaar geeft aan dat ze meer kennis en vaardigheden hebben dan ze nodig hebben voor hun werk. Dit kan vermoedelijk mede verklaard worden doordat veel jongeren naast school of studie een bijbaantje hebben in bijvoorbeeld de horeca of de detailhandel. Dat leed is vermoedelijk voor die jongeren te overzien, want ze leren nog genoeg in hun opleiding of eventueel in een eerste baan.

Dertig procent menselijk kapitaal onderbenutmenselijk kapitaal onderbenut van akker vindt 2015

Maar ook later geldt dat zo’n drie op de tien werknemers vindt dat ze meer kunnen dan ze nodig hebben voor hun werk. Hun kennis en vaardigheden worden onderbenut en dat kan nadelige invloed hebben op hun menselijk kapitaal en in het verlengde daarvan voor hun inzetbaarheid en employability. Dat is jammer voor die werknemers zelf, maar ook voor hun werkgevers die het talent dat ze in huis hebben niet goed gebruiken en te maken kunnen krijgen met verzuim door de stress (“bore out”) die hiervan het gevolg kan zijn met alle verzuimkosten van dien. Ten slotte geldt voor ongeveer een op de vijf werknemers dat zij moeilijker werk doen dan ze eigenlijk aankunnen. 

Kunt u nog even spitten naar aan onderbenutting gerelateerd verzuim?

Naast een grote groep van mensen die werk doet dat behoorlijk goed matcht zijn er dus ook nog heel veel werknemers die meer zeggen te kunnen dan ze doen, of andersom eigenlijk de kennis en vaardigheden missen om hun werk goed te doen. Voor de nieuwe vaardigheden is er blijkbaar een extra analyse losgelaten, die laat zien dat kwalificatieveroudering (dus niet de kennis hebben die nodig is voor het goed uitoefenen van je beroep) leidt tot meer verzuim en meer burn-outklachten. Ik ben nieuwsgierig naar een aanvullende analyse van de onderzoekers van TNO en CBS hoe het zit met de psychosociale arbeidsbelasting van mensen die zich onderbenut voelen en in hoeverre dit van invloed is op de mate waarin zij stappen zetten om een andere baan te zoeken en te vinden. Kunnen de dames en heren van TNO en CBS hier nog even induiken? Ik ben benieuwd!

bore out  burn out

Loopbaanadvies ‘Het blije ei’

blij ei van akker vindt 2015

Zoals veel van jullie kom ik op internet doorlopend allerhande quotes tegen. Vaak van mensen die iets op het gebied van organisatie- of loopbaanadvies doen. Soms vind ik ze grappig, diepzinnig of leerzaam en dan deel ik ze op de media die ik daartoe tot mijn beschikking heb. Of het inspireert me zelfs tot het schrijven van een leerzaam blog. Op andere momenten word ik soms een beetje moe van het grote positivo-gehalte in online loopbaanadviesland, met de boodschap “Werk is leuk”, of lekker meritocratisch: “Je hebt het zelf in de hand, dus máák er iets van”. Kortom: je hebt je succes in eigen hand en als je niet succesvol bent, ligt dat vooral aan jezelf.

Als dat zo is word ik prima ballerina!werk hard en je zult succes oogsten van akker vindt 2015

Nu ben ik de eerste om te zeggen dat als je zelf helemaal niet nadenkt over je werk en er niet zelf actief richting aangeeft, de kans bijzonder gering is dat je je talenten in dit leven optimaal gaat benutten. Dus ook ik heb verschillende blogs geschreven met de boodschap: niet blij met je werk? Doe er iets aan! Maar toch wil ik niet alle blije eieren in een en hetzelfde mandje leggen. Want het feit dat je er veel aan doet, betekent niet automatisch dat je ook komt waar je wilt zijn. Om het maar even bij mezelf te houden: ik kan nog zo hard oefenen, maar ik denk niet dat ik ooit in dit leven kans maak om prima ballerina te worden. Nu niet, maar ook toen ik veel jonger was niet. Nu ligt daar gelukkig ook niet mijn ambitie en mag ik me prijzen met een baan waar ik mijn blije ei prima kwijt kan, maar ik noem het toch even bij wijze van illustratie. Ik verkeer dus voorlopig in een bevoorrechte positie en daar heb ik hard aan gewerkt, door bijvoorbeeld nog naast een baan nog een masterstudie af te ronden en door kenbaar te maken wat ik kan en wat ik wil. Good for me.

Waarom werk niet altijd ‘leuk’ is

Mijn eigen blije ei-positie ten spijt, besef ik heel goed dat heel veel mensen werken voor een enkele reden en dat is omdat er rekeningen moeten worden betaald. Hun werk is niet ‘leuk’, ‘uitdagend’ of ‘verrijkend’ en het zou zomaar kunnen dat deze mensen om verschillende redenen ook niet zo eenvoudig in staat zullen zijn dat te veranderen. Ten eerste vergt het zelf sturing nemen van mensen dat ze zich bewust zijn van het feit dat je überhaupt zelf richting kan geven en je eigen positie kan beïnvloeden. Wanneer je denkt dat alles je overkomt, zal je niet snel in actie komen om op een constructieve manier iets te veranderen. Ten tweede kan je wel van alles willen, maar er zijn nou eenmaal altijd dingen die je niet kan. Ook niet als het je droom is en ook niet als je er heel hard voor werkt. Ten derde -en nee, dit wordt geen uitputtende lijst- is er nou eenmaal best veel werk dat niet speciaal leuk is, maar wel gedaan moet worden. Ik ga hier geen voorbeelden noemen, want wat ík als niet leuk zou bestempelen kan voor iemand anders wel prima zijn en ik wil geen waardeoordeel vellen. Ten vierde is het de vraag of je met wat je leuk vindt daadwerkelijk voldoende kunt verdienen om elke maand weer de rekeningen te betalen en dat hoeft helemaal niet zo exotisch te zijn. Stel dat je graag lekker in je uppie buiten loopt en alleen werk vindt als schijnzelfstandige bij een postbedrijf. Ik weet zeker dat je zoveel met post kan lopen als je wilt, maar dat er van financieel binnenlopen geen sprake is. Je mag blij zijn als je met zulk werk niet een stukje maand overhoudt aan het einde van je stukloon.

Toeleven naar het ‘Zwitserlevengevoel’zwitserleven van akker vindt 2015

Bovendien is het is natuurlijk niet voor niks dat er hele generaties niet kunnen wachten op het Zwitserlevengevoel en zich afvragen wanneer ze ‘mogen stoppen’ met werken. Blijkbaar zien veel mensen dat als het moment om ein-de-lijk te doen wat ze willen. En dat is blijkbaar omdat ze nu iets doen wat ze níet willen en niet in staat zijn, of zichzelf niet in staat achten – het resultaat is hetzelfde – om dat te veranderen. Werk is voor veel mensen niet ‘leuk’. In die gevallen slokt werk vooral tijd en energie op. Voor heel veel mensen is dat de realiteit. Voor hun is werk niet de plek waar ze hun talenten kunnen ontplooien. Met een beetje mazzel, als tijd en budget het toelaten, vinden die mensen de gelegenheid om buiten werktijd dingen te doen waar ze blij van worden.

Gejuich getuigt van beperkte blik op de werkelijkheid

Ben ik alleen maar negatief? Nee, maar…. ik ben wel realistisch en ik merk dat ik me soms erger aan de juichstemming op social media zoals Linkedin en Twitter. Dat de juichenden op deze media zelf leuk werk voor zichzelf hebben (gecreëerd), gun ik hun van harte. Dat ze anderen een hart onder de riem willen steken, of tot reflectie willen aanzetten: prima! Nee echt, dat meen ik serieus. Maar met al dat gejuich en de daarbij centrale boodschap dat je je eigen succes zelf in de hand hebt, getuigt van een hele beperkte blik op de werkelijkheid. Een werkelijkheid die voor heel veel mensen niet in het vizier is en die voor heel veel mensen niet snel in het vizier zal komen. Niet omdat ik ze dat niet gun. In tegendeel. Maar wel omdat de werkelijkheid nou eenmaal weerbarstig is en er veel werkende armen bestaan zonder leuk werk.

Mag het blije geblaat een onsje minder?

Het zou bovendien zomaar kunnen dat die precaire groep werkenden onder invloed van verdere globalisering en automatisering groter en armer wordt. Als we daar nou eens met zijn allen een rondje reflectie op loslaten? Zou het dan kunnen dat we dan uiteindelijk toch moeten vaststellen dat veel mensen hard werken, zonder dat het veel oplevert? En dat die die credo’s net als die in de categorie ‘work is fun’, domweg voor heel veel mensen niet opgaan, te weinig genuanceerd zijn en vooral een weinig realistische weergave van de werkelijkheid vormen? Zou dat kunnen?

En zo ja: mag het volume van dergelijk geblaat dan pretty please een onsje minder?

loopbaanadvies het blije ei van akker vindt 2015