Het eeuwige leven is ook geen pretje

Het eeuwige leven is ook geen pretje - Van Akker Vindt 2016

Deze week kwam er een bericht voorbij dat in de omgeving van Groenland een haai gevangen was. Uit onderzoek bleek dat deze de meer dan respectabele leeftijd van 392 jaar had bereikt. Dat is niet mis. Ik vond bejaarde schildpad Lonesome George die tot een paar jaar geleden op de Galápagos rondstruinde en ruim honderd werd al pretty amazing. Maar er zijn bazen en bovenbazen, zo blijkt. Ik herinner me dat er ook nog iets werd geroepen over een koikarper die 225 was geworden. Er werd bij vermeld dat wij mensen voorlopig geen kans maken om deze haai of koikarper naar de kroon te steken. Wij zijn namelijk warmbloedig (al zou je dat van sommige mensen niet zeggen) en verbranden het vege lijf daarmee bijna letterlijk sneller dan die kois of die haai.

Vrouwen worden ouder dan mannen, maar in slechtere gezondheid

Als soort zijn we succesvol, maar serieus oud worden doen we niet: op dit moment is de oudste mens volgens Wikipedia een Italiaanse die ruim 116 jaar oud is. En nog even verder in de cijfers duikend, was de gemiddelde leeftijd bij sterfte in Nederland ruim 78 jaar voor alle Nederlanders, ruim 75 voor de heren en ruim 80 voor de vrouwen. Vrouwen lijken daarmee het sterkste geslacht, maar wanneer je kijkt naar de resterende gezonde levensverwachting, lopen de cijfers van mannen en vrouwen nauwelijks uiteen. Lonesome GeorgeVrouwen worden dus uiteindelijk wel ouder, maar zijn eigenlijk veel langer ziek. Niet zo’n goede deal voor de chickies dus. Ahum.

Levensverwachting stijgt wereldwijd in vlot tempo

Als soort zijn we wel succesvol, dankzij betere hygiëne, meer welvaart, scholing enzovoort zijn we volgens deze teller met ruim 7, 4 miljard (7.443.020.263) mensen op deze aardkloot. Er zijn op het moment van schrijven vandaag al 137.898 kindjes geboren, 57.770 mensen gestorven en de wereldbevolking is met 80.191 toegenomen. (De goede opletter ziet dat deze cijfers niet perfect bij elkaar optellen. Dat komt doordat die tellers zo snel gaan, dat er niet tegen op te schrijven valt! Excuus voor deze dwaling). Volgens prognoses van de Verenigde Naties zal de wereldbevolking pas aan het einde van deze eeuw stoppen met groeien. Tegen die tijd zijn we met 10 miljard mensen. Voorlopig groeien we nog even door en ik zal in mijn leven die demografische kanteling vermoedelijk niet meer meemaken.

Singulariteit en onsterfelijkheid

Singulariteit en onsterfelijkheid - Van Akker Vindt 2016In het rijke westen zijn er bovendien nog mensen die geloven dat we steeds onsterfelijker worden doordat mens en techniek zullen versmelten. Singulariteit heet dat en dat zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat we met hele kleine chips in de bloedbaan doorlopend ons lijf en alle waarden kunnen monitoren, bijsturen en waar nodig oplappen en dat we onderweg zijn naar het eeuwige leven. Dan zouden er nog steeds mensen bijkomen, maar zou er niemand meer sterven. Van de ene kant heel fijn, want het liefst willen we natuurlijk niemand missen die we liefhebben. Maar aan de andere kant heeft zo’n toekomstbeeld toch ook een licht bitter dystopisch bijsmaakje.

De aarde als krioelend mierennest van mensen

Het wordt dan namelijk nogal druk op deze planeet. Als succesvolle soort nemen we nu al behoorlijk wat ruimte in en zeker de laatste 100-150 jaar heeft dat de planeet weinig goed gedaan. Techno-optimisten denken dat we voor problemen als vervuiling, grondstoffenverbruik, water- en voedselschaarste wel allemaal slimme oplossingen zullen verzinnen. En misschien is dat ook wel zo, maar dat we dan nog steeds met zijn allen op datzelfde kleine kluitje zitten verandert feitelijk niet. Toen ik nog jong en onbezonnen was, reisde ik eens een jaartje door Australië, toen en vermoedelijk ook nu nog een van de meest verstedelijkte landen ter wereld. Naast die steden heeft Australië ook veel ruimte voor wie toch zo nu en dan aan die –overigens ruim opgezette- steden wil ontsnappen. Als wij als soort zo kneiterhard blijven doorgroeien, zitten we straks met zijn allen in een groot krioelend mierennest, waar geen ontsnapping mogelijk is. Overal altijd mensen om je heen, hoe ver je ook reist. Natuurlijk kunnen we ons territorium uitbreiden door op termijn in een tent op Mars gaan wonen ofzo, maar ik vind dat niet een heel erg aantrekkelijk alternatief en sla zelf liever even over, ook als het per ongeluk nog in mijn leven zou gebeuren. krioelend mierennest van mensen - Van Akker Vindt 2016Heb ik een alternatief? Nee. Iedereen kan en moet zelf zijn of haar lijf en leven naar eigen inzicht inrichten en iedereen kan naar eigen inzicht kindertjes in de wereld zetten. Op wat uitzonderingen na, zou ik niet aan dat recht willen tornen. Maar toch…

Toch maar een (g)een kind politiek?

Misschien moeten we die wens voor een eeuwig leven lekker laten voor wat het is. Op een gegeven moment word je waarschijnlijk toch enorm blasé. Dan heb je echt alles al een keer gezien en verlies je misschien ook je drive. Alles wat immers vandaag of volgend jaar niet lukt, kan over honderd jaar ook nog wel.. Mij lijkt het niks. En dichterbij huis: moeten we er met zijn allen wel ongebreideld nieuwe mensjes bij maken? Of zou een (g)een kind politiek toch ook voordelen kunnen hebben? Want, eerlijk is eerlijk: ik zie die bevolkingsgroei naar 10 miljard helemaal niet zo zitten. En jij?

koi karpers kunnen 225 worden - Van Akker Vindt 2016

Advertenties

Wat vind jij ervan dat je ouder wordt?

Wat vind jij ervan dat je ouder wordt - Van Akker Vindt 2016

Hoe ervaar jij ouder worden? Gruwel je voor de spiegel bij elke plooi die je ziet? Of vind je dat je elke rimpel verdiend hebt terwijl je onderweg was in het leven? Deze vragen stel ik omdat het naar het zich laat aanzien nogal wat uitmaakt of je positieve of negatieve kijk hebt op het feit dat je ouder wordt. Mensen die het feit dat ze ouder worden positief benaderen ervaren vaak meer tevredenheid in het leven, vinden zichzelf gezonder, hebben meer sociale contacten en ervaren meer welzijn. Bovendien zou volgens onderzoeker Bellingtier en haar collega’s volgens hun artikel in ‘Journals of Gerontology: Psychological Sciences’ (2016) de mensen die hun eigen ouder worden positief bezien, minder stress ervaren dan mensen die een negatievere bril op hebben.

Is het alleen de houding tegenover de eigen leeftijd die hier telt?Mensen die het feit dat ze ouder worden positief benaderen ervaren vaak meer tevredenheid in het leven - Van Akker Vindt 2016

Men geeft zelf wel aan dat er wat af te dingen is op het onderzoek dat werd gedaan door 47 mensen tussen de 60 en 96 jaar hierover vragenlijsten voor te leggen in Amerika. Bovendien was de meerderheid van de invullers vrouw. Keurig dat ze het erbij zeggen, zo hoort dat natuurlijk ook in de wetenschap. Wat ik in hun vrij korte artikel (4 pagina’s maar) wel mis, is de bredere context en de richting van het causale verband. Daar wordt eigenlijk niet op ingegaan. Zou het zo kunnen zijn dat gezondere mensen met veel sociale contacten daardoor positiever in het leven staan en daarmee ook tegenover hun eigen vorderende leeftijd? Of zou het kunnen dat mensen die in het algemeen positiever zijn, ook meer sociale contacten hebben, meer welzijn ervaren en dat die algehele blije kijk op het leven dus ook geldt voor het ouder worden? En dat je daardoor dus ook minder stress ervaart? Ik heb het gevoel dat in dit onderzoek een flinke trits van invloedsfactoren missen.

Wat denk jij? Reageer!

Heb jij dat gevoel ook? Wat denk jij op basis van je levenservaring en/of je professionele kennis en ervaring? Is het alleen maar die positieve kijk op de eigen leeftijd en ouder worden die een buffer vormt tegen stress? Of is er meer in het spel? Ik nodig je van harte uit om te reageren!

Is het alleen de houding tegenover de eigen leeftijd die hier telt - Van Akker Vindt 2016

Vraagje: voor wie leef jíj eigenlijk?

Voor wie leef en werk je Van Akker Vindt 2016

In mijn vorige blog schreef ik over een onderzoek dat onder andere uitwees dat vooral mensen die meer werken dan ze zelf het liefst willen, daar negatieve psychische effecten van ondervinden. Op dat blog kwam een reactie van een voormalige collega, die zei dat politici mensen best mogen oproepen om meer te werken en dat mensen die in deeltijd werken soms ook meer willen werken om hun inkomen op peil te brengen. Laat ik helder zijn: politici mogen roepen wat ze willen. Ook zij leven in een (relatief) vrij land. En natuurlijk snap ik dat er mensen zijn die meer willen werken om voldoende inkomen te genereren. Ik heb nergens gepropageerd dat iedereen in deeltijd zou moeten werken, maar wél dat mensen hun eigen keuzes moeten maken en tenslotte constateerde ik dat Nederland als kampioen deeltijdwerken door de bank genomen behoorlijk gelukkig is.

Aanzwengelen vaderlandse economie als individueel levensdoel?

Aanzwengelen vaderlandse economie als levensdoel Van Akker Vindt 2016Vooral het laatste zinnetje in de reactie dat meer werken goed is voor de economie is bij me blijven hangen. De vraag is natuurlijk waartoe wij op aard zijn en of het aanzwengelen van de vaderlandse economie voor mij en anderen in dit land op individueel niveau de reden voor ons bestaan op deze aardkloot is. Ik maak mezelf in ieder geval graag en met overtuiging wijs dat het laatste niet zo kan zijn. Als je ook met minder dan een voltijds baan in je levensonderhoud kan voorzien en vrije tijd en vrijheid belangrijker vindt dan geld op de bank, lijkt mij dat een keuze die je vrijelijk en weloverwogen moet kunnen maken. Dat kan ik zelf vinden op basis van mijn persoonlijke waarden en dat kan ik vinden op basis van het aangehaalde onderzoek. Maar misschien is er nog wel iets wat de moeite waard is om hier aan te halen.

Op hun sterfbed wensen mensen dat ze dingen anders hadden gedaan Van Akker Vindt 2016

Op hun sterfbed wensen mensen dat ze dingen anders hadden gedaan

Een paar jaar geleden ging een bericht van een de palliatief verpleegkundige Bronnie Ware viral. Daarin schreef Bronnie over een aantal zaken waarvan mensen op hun sterfbed aangaven spijt te hebben. Op nummer twee stond dat vrijwel alle mannen (het ging om een generatie waarin zij vrijwel altijd de kostwinners waren) achteraf wensten dat ze minder hadden gewerkt en meer tijd aan de mensen om zich heen hadden besteed. Voor deze mensen is het ergens natuurlijk ontzettend tragisch dat zij te laat tot dit inzicht zijn gekomen om er nog iets aan te kunnen doen. Misschien zijn wij die hiervan kennis nemen het wel aan hun en zeker ook aan onszelf schuldig om daarvan te leren en bewuster om te gaan met de tijd die we hebben op deze aardkloot en deel ik de top vijf van dingen waar mensen spijt van hadden op hun sterfbed nog maar eens.Ter lering en ter aanpassing zullen we maar zeggen, want vermakelijk is het niet wat mij betreft. Daarom hier nog eens de top vijf van dingen waarvan mensen op hun sterfbed aangaven dat ze die graag anders hadden gedaan:

  1. Ik zou willen dat ik de moed had gehad om mijn leven naar mijn eigen inzicht te leiden in plaats van het leven te leiden dat door anderen werd verwacht

Aanzwengelen economie als individueel levensdoel Van Akker Vindt 2016Dit was het meest algemene en meest voorkomende punt van spijt. Wanneer mensen beseffen dat hun leven ten einde loopt, krijgen mensen een duidelijk beeld van al die dromen die niet in vervulling zijn gegaan. De meeste mensen hadden nog niet eens de helft van hun dromen vervuld en beseften op hun sterfbed dat dit samenhing met de keuzes die ze hadden gemaakt, of juist hadden nagelaten te maken.

Zo goed en kwaad als het soms gaat, probeer ik mijn dromen en wensen al na te jagen. We hebben immers niet het eeuwige leven en we blijven niet altijd gezond. Dus doe de dingen die je wilt, zolang het nog kan en je gezondheid het nog toelaat. Dat kan zomaar veranderen. En mocht een wild plan mislukken? Nou dan weet je in ieder geval dat je het hebt geprobeerd. Lijkt mij nog altijd aangenamer om dat te constateren, dan op je sterfbed te denken ‘had ik maar…’

  1. Ik zou willen dat ik niet zo hard had gewerktAanzwengelen economie als levensdoel Van Akker Vindt 2016

Zoals gezegd gaven alle mannen dit aan op hun sterfbed. Ze hebben hun kinderen niet zien opgroeien en hebben het gezelschap van hun geliefde gemist. Ook de vrouwen vonden dit jammer, maar de meeste vrouwen van die generatie waren geen kostwinners. De mannen vonden het zonder uitzondering jammer dat ze zoveel tijd en energie hadden gestopt aan hun werk.

Je hebt zelf invloed op hoe je je leven inricht en je kan daarin bewuste keuzes maken. In dit blog heb ik bijvoorbeeld al eens aandacht besteed aan kleiner leven in tiny houses, zodat je minder kosten maakt en dus ook minder hoeft te werken. Met de ruimte die dat maakt in je leven, ben je gelukkiger en vrijer om keuzes te maken gebaseerd op je eigen waarden en voorkeuren.

  1. Ik zou willen dat ik de moed had gehad om mijn gevoelens meer te uiten

Je kunt de wind niet veranderen, maar wel de stand van je zeilen. Van Akker Vindt 2016Veel mensen onderdrukken hun gevoelens en emoties om de lieve vrede te bewaren. Daardoor hadden veel mensen zich neergelegd bij een middelmatig leven waarin ze nooit zijn geworden wie ze hadden kunnen worden. Bij veel mensen ontstonden ziektes die te maken hadden met de verbittering en wrok die ze voelden.

Je kunt de wind niet veranderen, maar wel de stand van je zeilen. Je hebt de reacties van anderen niet in de hand, maar wel die van jezelf. Mensen zullen niet altijd goed kunnen omgaan wanneer je eerlijk zegt wat je vindt, maar in veel gevallen zal uiteindelijk de onderlinge verhouding in positieve zin veranderen. Als de relatie niet in positieve zin verandert, zal de persoon in kwestie waarschijnlijk uit je leven verdwijnen. Hoewel dat pijnlijk kan zijn, ben je ook dan uiteindelijk beter af. Win win dus.

  1. Ik zou willen dat ik contact met mijn vrienden had gehouden

Veel mensen beseffen het belang van hun vriendschappen niet tot het einde van hun leven in zicht komt en op dat moment kan je ze niet altijd meer traceren. Veel van de patiënten van Bronnie Ware waren zo opgeslokt geraakt door hun eigen leven dat ze belangrijke vriendschappen hadden laten verwateren.

Iedereen heeft het druk en het kan heel makkelijk gebeuren dat vriendschappen op de achtergrond raken en verwateren. Geld en status zijn voor mensen op hun sterfbed niet langer belangrijk, ook niet als dat eerder wel zo was (of leek!) Natuurlijk willen mensen op hun sterfbed goed zorgen voor de mensen die achterblijven, maar uiteindelijk draait het toch om liefde en waardevolle relaties met anderen.

  1. Ik zou willen dat ik mezelf had toegestaan gelukkiger te zijnlekker gek doen Van Akker Vindt 2016

Ook deze spijtbetuiging kwam blijkbaar veelvuldig voor. “Veel mensen beseffen niet dat geluk een keuze is”, vindt Ware. “Mensen bleven hangen in oude patronen en gewoonten. Angst om ingesleten gewoonten te doorbreken, maakte dat ze zichzelf en anderen voorhielden dat ze tevreden waren, terwijl ze eigenlijk graag eens heel hard wilden lachen of eens lekker gek hadden willen doen.”

Ik heb het gelukkig zelf nog niet verleerd om lekker domme dingen te doen, thuis of in de openbare ruimte. Als je timing goed is, kan je zomaar meemaken dat ik een dansje doe in een winkel. Dat komt niet vaak voor, maar als het moment zich aandient, laat ik me niet weerhouden door de meningen van anderen. Veel mensen zijn bezig met wat anderen wel niet van je zullen denken, maar wanneer je terugkijkt op je leven dat bijna ten einde is, is dat helemaal niet meer van belang. (En nu dus ook niet!)

Ik kan het alleen maar eens zijn met de conclusie van Ware:

Life is a choice Van Akker Vindt 2016‘Life is a choice It is YOUR life.
Choose consciously, choose wisely, choose honestly.
Choose happiness’

Life is a choice Van Akker Vindt 2016

Oftewel: je hebt keuzes, het is JOUW leven. Maak bewuste keuzes, maak wijze keuzes, maak eerlijke keuzes. Kies voor geluk. Ik zou nog willen toevoegen: kies voor je eigen geluk. Je leeft maar een keer, dus maak er wat van!

Kies voor jouw geluk. Je leeft maar een keer, dus maak er wat van! Van Akker Vindt 2016

Deeltijdparticipatiemaatschappij in Nederland is zo gek nog niet!

Misschien is een deeltijdparticipatiemaatschappij zo gek nog niet! Van Akker Vindt 2016

Er zijn mensen die zich nog al druk maken over het feit dat Nederland ‘Kampioen Deeltijdwerken’ is. Dat in Nederland veel mensen in deeltijdbanen werken zal ik niet weerleggen. Een korte graafactie in de bakken van het CBS laat zien dat in 2015 iets minder dan de helft (49 procent) parttime werkte, dus minder dan 36-40 uur. Zo’n 20 procent werkte minder dan 20 uur per week en de andere 29 procent werkte 20 tot 35 uur per week. En het zijn vooral vrouwen die in Nederland in deeltijd werken. Misschien niet zo gek, want volgens een recente publicatie van het CPB voelen vrouwen zich in het algemeen drukker dan mannen en is hun vrije tijd door de bank genomen gefragmenteerder.

Is het erg wanneer we niet allemaal fulltime werken?

Argumenten tegen al dat deeltijd werken gaan over het economische verlies dat we als natie zouden lijden, dat er talent ‘verloren zou gaan’, dat men minder carrière kan maken, dat te weinig vrouwen economisch zelfstandig zijn en dat we meer moeten werken om de pensioenpotten een beetje gevuld te houden. Of ik me wel of niet kan vinden in deze argumentatie en waarom wel of niet, is misschien een leuk onderwerp voor een toekomstig blog. Voor dit moment wil ik me even toeleggen op de vraag of het nou zo erg is dat we (lang) niet allemaal fulltime werken. In de media lezen we nog weleens over mensen in precaire flexibele banen die te weinig uren hebben en niet rond kunnen komen, of over groepen zzp’ers waar hetzelfde voor geldt. Maar andersom zijn er ook mensen die meer uren werken dan ze het liefst willen. Daar horen we volgens mij iets minder over, maar dat is misschien nog wel onwenselijker dan te weinig werken.

Onderzoek naar effecten van verschil tussen gewenste en werkelijk gewerkte uren

Vorige maand publiceerden een aantal onderzoekers uit Duitsland en Australië namelijk de resultaten van hun onderzoek naar de effecten van meer of minder werken dan je eigenlijk wilt. De onderzoekers gebruikten hiervoor grote Duitse en Australische databestanden, gebaseerd op vragenlijsten van verschillende jaren door de tijd heen. Vooral meer uren werken dan gewenst negatief voor psychisch welbevinden Van Akker Vindt 2016In de vragenlijsten waren vragen opgenomen over het gemiddelde aantal feitelijke uren dat men werkte en het aantal uren dat men eigenlijk zou willen werken en met vragen over de zelf gerapporteerde psychische gesteldheid van degenen die de vragenlijsten invulden. Wanneer deze respondenten gemiddeld minimaal vier uren per week meer of minder werkten dan ze zouden willen, telden ze mee als mensen met een mismatch in gemiddelde arbeidsduur.

Vooral meer uren werken dan gewenst negatief voor psychisch welbevinden

Uit het onderzoek blijkt dat vooral mensen die gemiddeld meer werken dan ze willen hier last van ondervinden, ze zijn gemiddeld minder tevreden over hun baan dan mensen die ongeveer evenveel werken als ze wensen. De onderzoekers keken ook of de arbeidsduur hierbij het verschil maakte en controleerden bijvoorbeeld fulltime werkenden die liever minder zouden werken met een groep van mensen die fulltime werkten, maar dat ook wilden. Ook na deze controle bleek dat vooral het verschil tussen feitelijke en gewenste uren het verschil maakte in het psychisch welbevinden van de respondenten. Bij vrouwen was dit negatieve effect van ‘teveel’ werken nog wat sterker dan voor de mannen. Overigens wordt in de publicatie niet uitgebreid gespecificeerd waaruit de negatieve effecten van het psychische welbevinden precies bestond en hoeveel impact dit op het dagelijks functioneren van de respondenten had.

Sociale normen van invloed op psychische effecten minder werken dan gewenst

Bij het minder werken dan gewenst, was het negatieve effect voor de Duitse groep vrijwel nihil en iets sterker voor de Australiërs. Betere match gewenste en feitelijke uren goed voor werkgever en werknemer Van Akker Vindt 2016Dit zou volgens de onderzoekers heel goed kunnen komen door normen in de samenleving en instituties zoals regelingen voor sociale zekerheid, waardoor Australiërs meer last hadden van minder uren werken dan gewenst. Ik stel me voor dat Nederland in dat opzicht meer lijkt op onze oosterburen dan op onze tegenvoeters, gewoon omdat we in politiek en economisch opzicht best veel op elkaar lijken.

Als kampioen deeltijd zijn we best gelukkig met zijn allen

Zoals gezegd wordt uit de publicatie van Otterbach en zijn Australische collega’s niet veel duidelijk over de precieze psychische uitwerking van het teveel werken. Toch zou ik zo op het eerste gezicht denken dat onze politici misschien iets minder moeten hameren dat al die deeltijders het liefst meer moeten werken dan ze nu doen. Mensen worden er blijkbaar gewoon wat ongelukkiger van wanneer ze meer werken dan bij ze past. Geluk is ogenschijnlijk geen variabele die van belang is voor Den Haag, maar voor al die –op dit moment ruim 17 miljoen!- individuen in Nederland zelf natuurlijk wél. Overigens geven Nederlanders volgens het World Happiness Report uit 2015 hun leven een 7,4 en staan daarin in de top tien van gelukkigste naties ter wereld. Goede kans dat al dat deeltijdwerken hierbij een belangrijke positieve invloed is.

Betere match gewenste en feitelijke uren goed voor werkgever en werknemer

Misschien kunnen de dames en heren werkgevers, HRM’ers en recruiters ook wel iets met deze informatie. Als die ideale kandidaat nou iets minder wil werken dan je in gedachten had, is het misschien best de moeite om te kijken of je daar mee akkoord kan gaan. Datzelfde geldt natuurlijk ook voor een zittende werknemer. Een arbeidsduur die beter aansluit op de wensen van de (toekomstige) werknemer, leidt namelijk tot meer psychisch welbevinden en een grotere arbeidstevredenheid. Ik zou zelf denken dat dat de moeite waard is voor beide partijen. En die politici die willen dat we meer werken? Laat ze maar kletsen zou ik zeggen. Maken wij intussen individueel en in overleg met onze werkgevers onze eigen keuzes, werkt de helft van ons in deeltijd en geven we ons leven gemiddeld een dikke zeven. Niks mis mee.

 

 

Als kampioen deeltijd zijn we best gelukkig met zijn allen Van Akker Vindt 2016

 

Blue Monday: maak van je ‘blauwe maandag’ een bloeiende maandag

Blue Monday maak van je blauwe maandag een bloeiende maandag Van Akker Vindt 2016

Op verschillende binnen- en buitenlandse websites en social media accounts kwam ik het fenomeen Blue Monday weer eens tegen. Net als de Elfstedentocht en de Zwarte Pietendiscussie is dit iets wat je elk winterseizoen opnieuw mag verwelkomen. Het enige verschil is dat de Blue Monday een verzinsel van dit millennium is. De Nederlandse ‘blauwe maandag’ betekent zoiets als van ‘in korte tijd’, of ‘van weinig betekenis’ volgens de webstek van OnzeTaal. Hoewel de Blue Monday in tegenstelling tot die blauwe maandag juist de deprimerendste dag van het jaar zou zijn, hoeven we hier net zo weinig betekenis aan te hechten. Het is quasi-wetenschappelijke marketing mumbo jumbo.

Blue Monday is marketing prietpraat van weinig betekenis

 love blue monday van akker vindt 2016Blue Monday valt op de maandag van de laatste volle week in januari of de derde dag in januari (afhankelijk van welke bron je hanteert). En juist deze maandag zou zo deprimerend zijn, omdat de feestdagen net achter de rug zijn, de dagen kort, het weer vies, de goede voornemens mislukt en de vakantie nog ver weg. Niet geheel toevallig is deze dag de wereld in geslingerd door een handig pr-bureau voor een reisbureau in samenwerking met een wetenschapper van een universiteit die zich vervolgens van hem distantieerde. En volgens the Guardian heeft deze meneer zelf ook nog toegegeven dat het een betekenisloos fenomeen is. Ik bedoel maar!

Laat je niks negatiefs aanpraten en zet in op een bloeiende maandag

Kortom: in weerwil van de mooie formule die je met toelichting her en der op het internet kan vinden, is die Blue Monday snoeiharde onzin. Natuurlijk mag je in Blue Monday geloven, net als in Sinterklaas, de kerstman of kaboutertjes. Mij is het om het even en we leven in een vrij land. Maar mijn advies zou zijn om je vooral geen deprimerende dag aan te laten praten door handige marketingjongens. Doop die ‘blauwe maandag’ om tot een bloeiende maandag. Kijk naar de wereld om je heen en realiseer je dat je het niet zo slecht hebt. Ja die winter is best koud (maar… dit jaar minder koud dan anders) en zeker ook nat, maar daar merk je vast op je werk niet zoveel van. Als je thuis bent krul je lekker op de bank met een kop warme thee en een goed boek. Of: ga er juist op uit en maak van die blauwe maandag een bloeiende maandag, die je laat volgen door een doldwaze dinsdag en een wonderschone woensdag. You get the picture.

Als je je dan tóch iets laat aanpraten, laat het dan positief zijn. Negatief kan altijd nog!

krul je lekker op de bank met een kop warme thee Van Akker Vindt 2016

 

#Tegendebakker: de zzp’er als welwillende hobbyist?

bakkerij Van Akker Vindt 2015

Bijna elke dag komt er een moment dat ik me op Twitter begeef. Zo ook vandaag en ik kwam een paar retweets tegen met de hashtag #tegendebakker. Ze waren prikkelend en ik heb me dan ook ernstig verkneukeld. Ernstig ja, want eigenlijk is de boodschap die er achter schuilt eigenlijk te gek voor woorden en ook voor mij herkenbaar. Het eerste waar ik aan moest denken was “Tekeningen rekeningen” van striptekenares Maaike Hartjes. Zij verpakt haar adviezen voor freelance illustratoren in pakkende stripjes, die ook heel vaak gaan over opdrachtgevers die van alles vragen, maar er als het een beetje lukt niet voor willen betalen.

‘Het is goed voor je exposure..’

Ik ben al een tijdje fan van die stripjes van Maaike, ook omdat ik het wel herken: of ik niet even gratis een leuke tekst kan leveren, een advies of een beleidsplan ‘omdat ik zo leuk schrijf’, of omdat mijn visie zo aanspreekt. Ik wil daar niet arrogant over zijn: natuurlijk is een complimentje leuk, maar met complimentjes (of boekenbonnen, of flesjes wijn e.d.) kan ik natuurlijk zelf ook de hypotheek niet betalen. Of men biedt mij dan ‘exposure’, het zou goed voor mij zijn wanneer ik gratis teksten schrijf, of dat men mijn teksten ongevraagd op de webstek van de eigen organisatie kopieert. Sindsdien staat de melding dat men mijn teksten niet mag opnemen vermeld op dit blog.

Blijkbaar is een boekenbon mooi zat

Ook op andere plekken merk ik dat men vrij makkelijk met de tijd en kennis van zzp’ers omgaat. Ik weet dat er veel mensen bijvoorbeeld opdraven voor een gastcollege op een hogeschool voor een boekenbon of een flesje wijn. boekenbon vanakkervindt 2015En laat ik helder zijn: als die zzp’ers dat zelf prima vinden, of het belangrijk vinden om hun kennis te delen met een nieuwe generatie professionals, heb ik daar niets op tegen. Ik deel ten slotte ook om niet mijn kennis, inzichten en meningen op dit blog en soms ook in vakbladen. Dat doe ik omdat ik dat zelf wil en dat initiatief ligt bij mijzelf. Maar wat ik wél gek vind, is dat degenen die mensen vragen voor gastcolleges, spreekbeurten en andere opdraafacties het blijkbaar normaal vinden om de professionals in kwestie op te laten draven voor alleen een flesje wijn, boekenbon of een schrale reiskostenvergoeding. Andersom vind ik het gek dat er blijkbaar genoeg zelfstandige professionals zijn die dat toelaten, maar dat is misschien een ander blog.

Wat je nooit #tegendebakker zou zeggen

Hoe dan ook: ik heb me behoorlijk verkneukeld met #tegendebakker en ook een aantal van die tweets geretweet. Ik heb begrepen dat de hashtag, gelanceerd door @frankahummels inmiddels trending is. Ik op mijn beurt ben gestopt met het retweeten van die tweets, maar wel begonnen aan dit stukje.

Een kleine bloemlezing

Laat ik beginnen met een paar voorbeelden van #tegendebakker tweets, die gaan over dingen die wél tegen freelancers worden gezegd, maar waarvan niemand het in zijn hoofd zou halen om het tegen de bakker te zeggen:

@Haluschi:
We willen graag je schilderij als afbeelding in onze wetenschappelijke publicatie. Uiteraard hebben we er geen budget voor. #tegendebakker

@rianneklazinga:
Betalen? Oh. Ah. Ok. Nou ja, ik dacht: dat broden bakken is toch een soort hobby he? En we kennen elkaar viaviaviavia, dus… #tegendebakker

@arjanelfassed:
‘nee, voor dat brood is geen budget. we kunnen alleen je reiskosten vergoeden.’ #tegendebakker

@dseastermar:
een boekenbon is ook leuk en hoeft u niet op te geven aan de belasting #tegendebakker

@vandervlies:
Let wel, ik laat nog 4 andere bakkers een brood bakken. De lekkerste koop ik. #tegendebakker

@PierreSpaninks:
Ik neem deze mee zonder te betalen. Als je daar niet over zeurt kom ik misschien nog eens bij je terug. #tegendebakkertwitter vanakkervindt 2015

@jndkgrf:
Er zijn genoeg kneuzen die het wel op onze voorwaarden doen #tegendebakker

Komt het voor de bakker? Vragen voor de professionals

Natuurlijk zijn dit maar enkele uit de -veronderstel ik- inmiddels honderden tweets die zijn gedeeld met deze hashtag. Ik gaf al aan dat het eigenlijk opvallend is, dat zoveel zelfstandigen akkoord gaan met de soms blijkbaar absurde voorwaarden die de opdrachtgever stelt. Ik veronderstel dat degenen die zo enthousiast aan het twitteren zijn geslagen hier niet bij (willen) horen, maar dat de praktijk weerbarstig kan zijn. Daarom heb ik een paar vragen voor de zelfstandige en andere professionals:

1. Hoe jullie zzp’ers en andere professionals omgaan met dit soort verzoeken en eisen. Je zult immers niet altijd in de positie zijn een opdracht af te wijzen.

2. Verder ben ik nieuwsgierig naar hoe vaak jullie hier tegen aan lopen. Komt het heel vaak voor?

3. Hoe kijken jullie aan tegen jullie concullega’s die wellicht wél met plezier opdraven voor dat flesje wijn of die boekenbon? Zijn dat hobbyisten, of werken zij aan hun netwerk en is het een vorm acquisitie?

Ik ben benieuwd naar jullie reacties, beste zzp’ers en andere professionals!

zzp vanakkervindt 2015

Tiny houses en een pleidooi voor groots leven

tiny houses groots en klein leven Van Akker Vindt 2015

Een paar weken geleden stuitte ik voor het eerst op het fenomeen tiny houses. Een student zag namelijk tiny houses als mogelijke oplossing voor dakloosheid. De hele scriptie heb ik niet gelezen, maar ik was wel gefascineerd door het plaatje wat erbij stond. Op het plaatje stonden een rijtje minieme poppenhuisjes bij elkaar. Nog wat verder zoekend op het wereldwijde web kwam ik erachter dat tiny houses niet alleen maar hele kleine huisjes zijn, maar dat er met name in de Verenigde Staten een hele beweging achter zit. The tiny house movement, vrij vertaald de kleine huisjes beweging en een rondje Googlen levert een arsenaal aan voorbeelden op van kleine moderne huisjes, woonwagens, tot huisjes die stiekem lijken te zijn weggelopen uit de Efteling toen even niemand keek of waar op elk moment een hobbit uit kan opduiken.

Wonen in een huisje zo groot als een studentenkamer

Tiny house van binnen Van Akker Vindt 2015Mensen wonen niet alleen in tiny houses omdat ze zo schattig zijn, of omdat de bewoners in kwestie arm zijn of geen andere opties hebben. Het is een bewuste keuze om kleiner te leven: om te beginnen letterlijk. Waar een gemiddeld huis in Amerika al gauw zo’n 200 vierkante meter groot is, doen de mensen in de tiny houses het met veel minder, laten we zeggen ongeveer tussen de 15 en 30 vierkante meter per huisje. Niveautje studentenkamer dus, maar dan in de vorm van een heus huisje. Veel van de tiny house-bewoners bouwen zo’n huisje zelf. In sommige gevallen staan ze op wielen in verband met wetgeving die (natuurlijk) van staat tot staat verschilt, maar dat is niet per se zo bij alle kleine huisjes.

Kleiner wonen: wat cijfers

Kleiner leven is dus niet een kwestie van armoede of gebrek aan keuzes, maar juist het gevolg van het maken van keuzes. In de kleine huisjes wonen vaker dan gemiddeld mensen met een academische opleiding. Waar van de gewone huiseigenaren in de VS een kleine 30 procent hypotheekvrij leeft, geldt dat voor 7 op de 10 kleine huisjes-bewoners. Waar een gemiddeld huis ruim 270 duizend dollar kost, kost een klein huisje gemiddeld minder dan een tiende van dat bedrag en dan hebben we het nog niet eens gehad over de hypotheekrente! Kleiner wonen is goedkoper wonen, zoveel is logisch.tiny houses pleidooi voor grootser levern Van Akker Vindt 2015

Alleen de dingen om je heen die je écht nodig hebt

Met zo’n klein huisje moet je ook andere keuzes in je leven maken. Om überhaupt in een klein huisje te kunnen wonen, zul je je hoeveelheid spullen moeten beperken of terugbrengen. Er is alleen plek voor de dingen die je echt nodig hebt en echt beslist in je huis wilt hebben. Je zult dus slim moeten omgaan met de beperkte ruimte die je hebt. Maar er zijn genoeg handige trucjes en woonwarenhuizen die je daarmee kunnen helpen.

Klein leven gooit je leven open

Een andere directe consequentie van de keuze om kleiner te leven in een klein huisje en het feit dat je daar minder geld voor nodig hebt, betekent ook dat je in de positie bent om andere keuzes te maken. Je hoeft je niet een slag in de rondte te werken om die enorme stapel bakstenen elke maand af te betalen. Je kan dus kiezen voor werk dat minder goed betaalt (maar waar je wel blijer van wordt), minder zeker is (leuk voor zp’ers en flexwerkers) of de keuze maken om minder te werken en andere dingen te doen die je hart je ingeeft. Niet langer bezig zijn als goed consument zoveel mogelijk te besteden om de economie draaiende te houden zoals veel economen en politici voorstaan, maar bezig met zinvol leven. Mij spreekt dat wel aan.

Groots klein leven uit je rugzak

Sommige tiny houses lijken zo ontsnapt uit de Efteling Van Akker Vindt 2015Zelf heb ik als student en daarna lang klein geleefd, in studentenhuizen, dus altijd gedoe over rekeningen, schoonmaken enzovoort. Dus dat was een minder ideale variant. Later als backpacker leefde ik langere tijd met alleen een rugzak en wist ik lang niet altijd ’s ochtends waar ik ’s avonds zou slapen. Er zijn mensen voor wie dat drie keer niks is, maar ik was wel gelukkig met dat grootse kleine leven als backpacker. Het mag duidelijk zijn: die tiny houses spreken mij enorm aan. Inmiddels woon ik in een echt grotemensenhuis en dat is ook heel fijn na al die jaren in kleine huisjes heb ik eindelijk alle ruimte, die ik mag delen met mijn lief. Maar eerlijk is eerlijk: ik vind zo’n koophuis ook een grote verantwoordelijkheid. Het maakt je leven in zekere zin een beetje zwaarder, terwijl ik eigenlijk houd van licht leven.

Zijn kleine huisjes iets voor Nederland?

Ik heb desondanks geen intentie om te verhuizen, ik woon namelijk wel heel fijn en comfortabel. Wat ik me wel heb afgevraagd is of die kleine huisjes in Nederland ook zo goed zouden werken. En hier komt de domper: ik ben bang van niet. Bij ons is er minder ruimte en grond om je huisje op te zetten is hier dus behoorlijk aan de prijs, wat het voor ons waarschijnlijk toch haalbaarder maakt om in hoogbouw te wonen. En het mooie hotel met de ogenschijnlijk gestapelde Zaanse huisjes ten spijt, lijkt het stapelen van kleine huisjes me niet zo realistisch. Tiny house in een oogopslag Van Akker Vindt 2015Bovendien wonen we, ondanks dat het flink wat kost heel vaak al kleiner dan de mensen aan de andere kant van de grote plas. Het enige wat een beetje in de buurt lijkt te komen zijn kleine studio-appartementjes en (gestapelde) containerwoningen voor (recente ex-)studenten of een strandhuisje voor een kleine groep mazzelaars.

Pleidooi voor groots leven door klein te leven

Wat wel iets voor Nederland is, is misschien het gedachtengoed dat erbij hoort. Niet alleen maar meer meer meer besteden zodat de economie weer gaat lopen, zodat we nog meer kunnen besteden, zoals de politiek bepleit, maar meer leven door minder te consumeren. Volgens mij kan het en volgens mij is het de weg voorwaarts. Ik wil niet van ons fijne huis af, maar doe er alles aan om kleiner te leven door zo snel mogelijk van die hypotheek af te komen en probeer zinvolle weloverwogen keuzes te maken. Ja dat werkt niet altijd in de praktijk, maar zonder wrijving geen glans: ik pleit voor groots leven door vooral kleiner te leven en zelf bewuste keuzes te maken! Doe je mee?

sprookjesachtig tiny house Van Akker Vindt 2015