Vier redenen om vooral níet te netwerken

Vier redenen om vooral níet te netwerken - Van Akker Vindt 2016

Veel mensen zijn op zoek naar ander werk, omdat ze werkloos zijn of dreigen werkloos te worden, of omdat ze klaar zijn voor een nieuwe stap in hun loopbaan. De economische teruggang heeft er flink in gehakt bij veel bedrijven en veel mensen hebben de afgelopen jaren moeten omkijken naar een nieuwe werkkring. Anderen zien het aantrekken van de economie op dit moment als goed moment om alsnog nieuwe stappen te zetten waar ze de afgelopen jaren hebben ingezet op zekerheid van de baan die ze hadden. Natuurlijk kan je klassiek solliciteren, maar een andere goede manier om je kansen op de arbeidsmarkt te verkennen en te vergroten is door te netwerken.

  1. ‘Maar ik ga niet bedelen om een baan’

Veel mensen denken ten onrechte dat netwerken vooral gaat om het aanknopen van gesprekjes met als doel het vragen om een baan. Dat zien ze niet zitten. Dat komt goed uit, want netwerken is nadrukkelijk niet het vragen om een baan. Bij netwerken gaat het vooral om het aangaan van het gesprek met mensen die je wel of nog niet kent om advies te vragen of kennis uit te wisselen. Stel dat je wilt veranderen van branche of droomt van een heel ander beroep, dan is het goed om eens te horen van iemand hoe hij zijn werk ervaart, om advies te vragen over welke kennis en vaardigheden je nodig hebt om dat beroep uit te voeren enzovoort. Heel veel mensen vinden het leuk wanneer andere mensen interesse tonen en zijn graag bereid om iets over zichzelf en hun werk te vertellen en hun kennis te delen, dus er is geen reden om er tegen op te kijken.

  1. ‘Maar ik ken niemand’Je kan met iedereen netwerken Van Akker Vindt 2016

Misschien denk je wel dat je niemand kent, maar iedereen kent mensen: je familie, je vrienden, je buren, mensen van je sportclub enzovoort enzovoort. Denk niet: maar zij zitten niet in de branche waarin ik een baan zoek. Het zou zomaar kunnen dat zij op hun beurt wel mensen kennen die in die bedrijfstak zitten en jou bij die mensen kunnen en willen introduceren.

  1. ‘Maar ik ben helemaal niet op zoek’

Zelfs als je niet op zoek bent, is het slim om te netwerken. Dat kan buiten je eigen organisatie, zodat je je blik verbreedt en inzicht hebt in wat jouw kennis en kunde op de arbeidsmarkt waard zijn. Maar dat kan ook binnen je eigen organisatie. Zeker wanneer je bij een wat grotere organisatie werkt, kan het helemaal geen kwaad om eens een praatje aan te knopen bij een bedrijfsuitje, of dichter bij huis bij de koffiecorner of het kopieerapparaat. Wanneer je ook mensen kent en spreekt buiten je eigen team, weet je beter wat er binnen je organisatie speelt, maar kan het ook zijn dat je via informele weg hoort dat er een vacature vrij komt die je misschien wel aanspreekt. Wanneer je dan al warme contacten hebt met het team in kwestie en weet wat ze doen, kan dat helpen om je een streepje voor te geven als je besluit intern te solliciteren.

  1. ‘Maar ik vind netwerken eng’

Als je nog nooit genetwerkt hebt, vind je de gedachte dat je met bekenden of onbekenden het gesprek zou moeten aangaan misschien wel een beetje eng. Zeker wanneer je niet de meest extraverte persoon van het noordelijk halfrond bent, kan ik me goed voorstellen dat je er tegenop kijkt. Netwerken gebeurt vaak op events zoals speciale netwerkborrels of congressen, waar heel veel mensen rondlopen. Je kan het jezelf gemakkelijker maken door alvast te beginnen met online netwerken, bijvoorbeeld met behulp van Twitter of Linkedin.Netwerken hoeft niet eng te zijn - Van Akker Vindt 2016 Met zulke platforms kan je op informele manier kennis opdoen en contact leggen met mensen uit jouw werkveld, of het werkveld dat je ambieert. Het zou zomaar kunnen dat je dan op dat congres of die borrel mensen in het echt spreekt die je voor je gevoel al kent van bijvoorbeeld Twitter.

Netwerken hoeft niet per se in grote groepen

Zo werd ik zelf onlangs op een HRM-congres verrast door iemand die zei dat ze me van Twitter kende en dat ze dit blog zo leuk vond. Ze wilde graag na het plenaire deel nog graag even zou spreken: zo gezegd zo gedaan. Het kan dus zelfs zijn dat mensen op een gegeven moment op jou afkomen en het initiatief nemen! Mocht je wel op zo’n event rondlopen waar je wel al mensen kent, of net met iemand hebt kennis gemaakt, kan je ook andere mensen aan elkaar introduceren. Dat wordt zeker gewaardeerd en versterkt op jouw beurt ook je eigen netwerk. Ten slotte kan je natuurlijk via Twitter of Linkedin een één op één afspraak maken, zodat je in alle rust een gesprek kan voeren en je niet per se in zulke grote groepen hoeft te bewegen. Dat ligt nou eenmaal niet iedereen.

De 80/20-regel bij netwerken

Netwerken is uiteindelijk vooral geven en delen, zonder direct iets terug te verwachten. Wat in ieder geval van belang is dat je niet direct ‘return on investment’ verwacht. Je kan beweren dat hier de 80/20-regel geldt: 80 procent van het resultaat komt van 20 procent van de investeringen die je gedaan hebt en dat dat ook niet per ommegaande gebeurt. De 80-20 regel bij netwerken - Van Akker Vindt 2016Zorg dat je de mensen met wie je contact hebt gelegd in het kader van je netwerkactiviteiten op de hoogte houdt en op jouw beurt ook iets kan bieden. Dat kan het delen van een interessant krantenartikel zijn, hem of haar introduceren bij iemand uit jouw netwerk of door iemand te wijzen op een leuke vacature.

Netwerken is vooral ook heel leuk om te doen!

Wanneer je een keer de smaak te pakken hebt van netwerken, zal je merken dat het vooral ook heel erg leuk is. Je spreekt leuke mensen, je hoort interessante dingen en je kan zelf op jouw beurt ook iets betekenen voor anderen en dat is gewoon heel erg fijn. Dus ongeacht of je nu zoekt naar een nieuwe baan of nog niet: het is goed om te netwerken. Dat is goed voor je werkzekerheid en je daarmee ook voor je inzetbaarheid en je blijft goed op de hoogte van wat er nu en in de toekomst nodig is om je loopbaan vorm te geven. Dat is heel veel waard en waarom zou je het niet doen als het toch heel erg leuk is om te doen?

Netwerken is vooral heel leuk om te doen Van Akker Vindt 2016

 

Advertenties

Het eeuwige leven is ook geen pretje

Het eeuwige leven is ook geen pretje - Van Akker Vindt 2016

Deze week kwam er een bericht voorbij dat in de omgeving van Groenland een haai gevangen was. Uit onderzoek bleek dat deze de meer dan respectabele leeftijd van 392 jaar had bereikt. Dat is niet mis. Ik vond bejaarde schildpad Lonesome George die tot een paar jaar geleden op de Galápagos rondstruinde en ruim honderd werd al pretty amazing. Maar er zijn bazen en bovenbazen, zo blijkt. Ik herinner me dat er ook nog iets werd geroepen over een koikarper die 225 was geworden. Er werd bij vermeld dat wij mensen voorlopig geen kans maken om deze haai of koikarper naar de kroon te steken. Wij zijn namelijk warmbloedig (al zou je dat van sommige mensen niet zeggen) en verbranden het vege lijf daarmee bijna letterlijk sneller dan die kois of die haai.

Vrouwen worden ouder dan mannen, maar in slechtere gezondheid

Als soort zijn we succesvol, maar serieus oud worden doen we niet: op dit moment is de oudste mens volgens Wikipedia een Italiaanse die ruim 116 jaar oud is. En nog even verder in de cijfers duikend, was de gemiddelde leeftijd bij sterfte in Nederland ruim 78 jaar voor alle Nederlanders, ruim 75 voor de heren en ruim 80 voor de vrouwen. Vrouwen lijken daarmee het sterkste geslacht, maar wanneer je kijkt naar de resterende gezonde levensverwachting, lopen de cijfers van mannen en vrouwen nauwelijks uiteen. Lonesome GeorgeVrouwen worden dus uiteindelijk wel ouder, maar zijn eigenlijk veel langer ziek. Niet zo’n goede deal voor de chickies dus. Ahum.

Levensverwachting stijgt wereldwijd in vlot tempo

Als soort zijn we wel succesvol, dankzij betere hygiëne, meer welvaart, scholing enzovoort zijn we volgens deze teller met ruim 7, 4 miljard (7.443.020.263) mensen op deze aardkloot. Er zijn op het moment van schrijven vandaag al 137.898 kindjes geboren, 57.770 mensen gestorven en de wereldbevolking is met 80.191 toegenomen. (De goede opletter ziet dat deze cijfers niet perfect bij elkaar optellen. Dat komt doordat die tellers zo snel gaan, dat er niet tegen op te schrijven valt! Excuus voor deze dwaling). Volgens prognoses van de Verenigde Naties zal de wereldbevolking pas aan het einde van deze eeuw stoppen met groeien. Tegen die tijd zijn we met 10 miljard mensen. Voorlopig groeien we nog even door en ik zal in mijn leven die demografische kanteling vermoedelijk niet meer meemaken.

Singulariteit en onsterfelijkheid

Singulariteit en onsterfelijkheid - Van Akker Vindt 2016In het rijke westen zijn er bovendien nog mensen die geloven dat we steeds onsterfelijker worden doordat mens en techniek zullen versmelten. Singulariteit heet dat en dat zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat we met hele kleine chips in de bloedbaan doorlopend ons lijf en alle waarden kunnen monitoren, bijsturen en waar nodig oplappen en dat we onderweg zijn naar het eeuwige leven. Dan zouden er nog steeds mensen bijkomen, maar zou er niemand meer sterven. Van de ene kant heel fijn, want het liefst willen we natuurlijk niemand missen die we liefhebben. Maar aan de andere kant heeft zo’n toekomstbeeld toch ook een licht bitter dystopisch bijsmaakje.

De aarde als krioelend mierennest van mensen

Het wordt dan namelijk nogal druk op deze planeet. Als succesvolle soort nemen we nu al behoorlijk wat ruimte in en zeker de laatste 100-150 jaar heeft dat de planeet weinig goed gedaan. Techno-optimisten denken dat we voor problemen als vervuiling, grondstoffenverbruik, water- en voedselschaarste wel allemaal slimme oplossingen zullen verzinnen. En misschien is dat ook wel zo, maar dat we dan nog steeds met zijn allen op datzelfde kleine kluitje zitten verandert feitelijk niet. Toen ik nog jong en onbezonnen was, reisde ik eens een jaartje door Australië, toen en vermoedelijk ook nu nog een van de meest verstedelijkte landen ter wereld. Naast die steden heeft Australië ook veel ruimte voor wie toch zo nu en dan aan die –overigens ruim opgezette- steden wil ontsnappen. Als wij als soort zo kneiterhard blijven doorgroeien, zitten we straks met zijn allen in een groot krioelend mierennest, waar geen ontsnapping mogelijk is. Overal altijd mensen om je heen, hoe ver je ook reist. Natuurlijk kunnen we ons territorium uitbreiden door op termijn in een tent op Mars gaan wonen ofzo, maar ik vind dat niet een heel erg aantrekkelijk alternatief en sla zelf liever even over, ook als het per ongeluk nog in mijn leven zou gebeuren. krioelend mierennest van mensen - Van Akker Vindt 2016Heb ik een alternatief? Nee. Iedereen kan en moet zelf zijn of haar lijf en leven naar eigen inzicht inrichten en iedereen kan naar eigen inzicht kindertjes in de wereld zetten. Op wat uitzonderingen na, zou ik niet aan dat recht willen tornen. Maar toch…

Toch maar een (g)een kind politiek?

Misschien moeten we die wens voor een eeuwig leven lekker laten voor wat het is. Op een gegeven moment word je waarschijnlijk toch enorm blasé. Dan heb je echt alles al een keer gezien en verlies je misschien ook je drive. Alles wat immers vandaag of volgend jaar niet lukt, kan over honderd jaar ook nog wel.. Mij lijkt het niks. En dichterbij huis: moeten we er met zijn allen wel ongebreideld nieuwe mensjes bij maken? Of zou een (g)een kind politiek toch ook voordelen kunnen hebben? Want, eerlijk is eerlijk: ik zie die bevolkingsgroei naar 10 miljard helemaal niet zo zitten. En jij?

koi karpers kunnen 225 worden - Van Akker Vindt 2016

De Mechanische Turk als virtuele on demand gastarbeider

The Mechanical Turk als dystopische uitkomst van marktwerkingsevangelie Van Akker Vindt 2016

Enige tijd geleden hoorde ik er voor het eerst van. De Mechanische Turk. Ik vind het zelf niet direct gezellig klinken en eerlijk is eerlijk: dat is het (volgens mij) ook niet. Mechanical Turk is een platform van Amazon waarop mensen werk kunnen aanbieden dat nog niet door robots, of preciezer: door slimme software kan worden gedaan. Je moet bijvoorbeeld plaatjes coderen, of aangeven hoe een woord in een zin wordt gebruikt en daar krijg je dan per woord een habbekrats voor. Het mag duidelijk zijn: ik ben niet onder de indruk. Om te beginnen vind ik de naam al een beetje raar.

Rotklusjes opknappen die de computer nu nog laat liggen

Bij de naam Mechanical Turk en het feit dat je als Mechanische Turk klusjes mag opknappen voor weinig geld die computers (nu nog) laten liggen, kan ik niet anders dan denken aan de Turkse (en andere) gastarbeiders die ongeveer een halve eeuw geleden naar Nederland kwamen. Ook die mochten voor een habbekrats klusjes opknappen die de Nederlanders lieten liggen. Na even zoeken op het wereldwijde web blijkt het platform vernoemd te zijn naar een raar mechanisch schaakapparaat, waar een Turk uitsteekt, die er –compleet met tulband- een beetje uitziet als de ouderwetse gapers die je nog bij sommige drogisterijen ziet. Op filmpjes op YouTube kan je zien hoe een replica van “The Turk” een menselijke schaker verslaat terwijl hij vervaarlijk met de ogen rolt. (Best entertaining, moet ik toegeven!) Blijkbaar heeft het in die zin niet met gastarbeiders te maken, maar tóch loop ik er niet warm voor.

Amazon’s Mechanical Turk is een platform voor lousy en precair werk

Het werk op Mechanical Turk bestaat uit, zoals ze in het Engels zeggen ‘lousy jobs’ dus werk dat precair is en feitelijk wereldwijd wordt aanbesteed op een online platform waarbij je per minitaakje een paar cent betaald krijgt. Hoewel Amazon deze lullige miniklusjes een ‘HIT’ noemt, houd ik ze liever buiten mijn hitparade. HIT is een afkorting die staat voor “Human Intelligence Task”, die weliswaar menselijke intelligentie vergt, maar verder weinig diepgang heeft. Artificial artifical intelligence noemt Amazon dat zelf, dus kunstmatige kunstmatige intelligentie, die je aldus Amazon on demand naar believen kan op- of afschalen. Getver. Natuurlijk wordt het werk op zo’n manier uitbesteed dat degene die het werk doet opdrachtnemer is en wordt op die manier allerhande wetgeving handig omzeild. Een opdrachtnemer is immers geen werknemer en daarmee vogelvrij.

De mens als robot paradox Van Akker Vindt 2016

De mens-als-robot-paradox bij Mechanical Turk

Niet alleen het feit dat het om precair werk gaat geeft mij een viezig smaakje in de mond, maar ook het feit dat mensen door dit systeem eigenlijk worden gereduceerd tot.. Ja tot wat eigenlijk? Ik kan het bijna niet benoemen. Het mag dan gaan om zogenaamde Human Intelligence Tasks, maar paradoxaal genoeg reduceer je de mens tot de meest basale robot waarbij alle menselijke waardigheid het onderspit delft. Het gaat hier niet om schroefjes draaien, maar om het mindless voor weinig geld oplossen van stupide taakjes, die blijkbaar vooralsnog niet goed genoeg of niet goedkoop genoeg door software kunnen worden uitgevoerd. Als dit vooruitgang is, loop ik er in dit geval even niet zo heel erg warm voor. We mogen dan in het rijke Westen -ook ik!- praten over zinvol werk, autonomie, jobcrafting enzovoort, maar ondertussen zitten er blijkbaar mensen her en der op deze aardkloot voor weinig geld ergens deze kleine rotklusjes te doen.

The Mechanical Turk als dystopische uitkomst van marktwerkingsevangelie

Marktwerking is het evangelie dat in neo-liberale bijbel wordt verkondigd. De onzichtbare hand Smith werkt in een overbevolkte, ongelijke en geglobaliseerde wereld even niet zo lekker meer. Dat willen we –ook in Nederland- liever nog even niet zien. Met alle gevolgen van dien. The race to the bottom is niet alleen een denkbeeldige dystopie, maar die bestaat al in de vorm van Amazon’s Mechanical Turk. Daarmee vergeleken is die eng om zich heen kijkende mechanische schaakturk uit dat YouTubefilmpje hieronder eigenlijk nog enorm gezellig!

Ruim 40 duizend keer bezocht: de top 10 allertijden

Robots en technologie blijven hot op Van Akker Vindt 2015

Het afgelopen etmaal haalde dit blog waarmee ik ruim 3 jaar geleden mee begon zijn 40 duizendste verjaardag. Omdat ik in een column van Pierre Geelen las, dat in de wereld van de media elke verjaardag gevierd dient te worden en omdat ik het zelf heel leuk vind daarom dit overzichtsblogje. Het is immers snel gegaan de laatste maanden.

Van jubel-leum naar de top 10 allertijden

Eind mei schreef ik ook een jubel-leum blog en het is nu net de tweede helft van december. Inmiddels zijn er vast een paar trouwe lezers die weten dat ik bij zo’n jubileum op een rij zet welke blogs het meest in de smaak vielen tot nu toe. Op de radio is de top 2000 allertijden, met gouwe ouwe, maar ook veel oude en sleetse nummers wat mij betreft. Volgens mij geldt dat niet voor het overzichtje verderop in dit blog. 

Robots en technologie blijven hot hot hot

In 2013 schreef ik welke banen zouden verdwijnen door technologische ontwikkelingen en nog steeds lees ik veel over robots. Ik ben niet de enige die dit interessant vindt. Ook het Rathenau instituut en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid publiceerden er dit jaar wat literatuuronderzoek op dit vlak.

Duurzame inzetbaarheid en de arbeidsmarktpositie van ouderen

Ook verschillende blogs die gaan over inzetbaarheid, de positie van de leidinggevende, de employability van oudere werknemers en tips om aan een baan te komen blijven veel gelezen. Voor de blogs over inzetbaarheid is dat fijn, voor de blogs over de oudere werknemers die het zo lastig hebben, is het vooral jammer dat het nog steeds nodig is hier aandacht aan te besteden. Ik kan er goed mee leven, wanneer die blogs vooral geschiedkundige waarde krijgen. Helaas is dat nog niet het geval.

Een klein uitstapje naar een klein huisje

tiny house van akker vindt 2015Verder schreef ik in de zomer van 2015 een blog over zogenaamde tiny houses en de hele beweging die erachter zit, compleet met plaatjes. Ook dit onderwerp, hoewel op dit blog toch een soort uitstapje van de ‘mens-en-werk-blogs’, bleek enorm populair. Ik snap dat ook wel. Niet alleen zien die huisjes er echt übercute uit, je hoeft je ook niet diep in de schulden te steken en kan daarmee een zekere mate van vrijheid behouden. En laten we wel wezen: vrijheid smaakt best lekker na een economische recessie waarbij heel veel huizen onder water zijn komen te staan. Inmiddels lijkt zich in delen van het land alweer een versie nieuwe huizenbubbel (Amsterdam!) te ontwikkelen, dus als het een beetje tegen zit, herhaalt de geschiedenis zich nog eens op zijn gemakje. Ook dat is niets nieuws.

Top 10 allertijden op Van Akker Vindt

Goed. Genoeg gezegd. Hier dan een overzicht met de tien meest gelezen blogs tot nu toe:

  1. Deze banen verdwijnen door technologische ontwikkelingen
  2. Veertig het nieuwe dertig? Niet op de arbeidsmarkt
  3. Tiny houses en een pleidooi voor een groots leven
  4. Smartphonegebruik negatief voor werk-privébalans en gezondheid
  5. Oudere werknemer heeft last van negatieve beeldvorming
  6. Direct leidinggevende heeft de sleutel tot duurzame inzetbaarheid in handen
  7. Baan zoeken? Bezint eer ge begint!
  8. Nevermind de Polen! Robots nemen ons werk over!
  9. Zwartepieten over Zwarte Piet
  10. Interview: Wajong: Anne leeft met labels, deel I

Ik vind het enorm leuk dat mijn blog bij veel mensen in de smaak valt. Nog even en dan is het kerst, ik wens jullie mooie dagen toe met veel warmte en blijheid.

fijne feestdagen van akker vindt 2015

Robotisering: resultaten uit het verleden bieden geen garanties voor de toekomst

Robitisering Van Akker Vindt 2015

Ruim twee jaar geleden kwam ik een stuk tegen over banen die zouden verdwijnen door robotisering en automatisering. Tot dan toe had ik wel nagedacht over de toekomst van werk, maar had ik nog nooit op dat niveau of vanuit die invalshoek over het onderwerp nagedacht. Ik schreef er een drietal blogs over, nog lang voor de media doorlopend bol stonden van dit onderwerp. Het ging over robots die ons werk zouden overnemen, welke banen zouden verdwijnen tot 2025 en over of het basisinkomen een oplossing zou zijn om voor iedereen voldoende levensstandaard te garanderen. Ik sta, ook nu ik nog heel veel meer over dit onderwerp en aanpalende onderwerpen heb gelezen, nog steeds achter wat ik twee jaar terug schreef en ik heb een niet aflatende interesse in het onderwerp en alles wat er mee te maken heeft.

Ben ik een techno-pessimist wanneer ik me zorgen maak?

Luddieten Van Akker Vindt 2015 (2)Sommige mensen vinden mij een techno-pessimist wanneer ik zeg dat ik niet denk dat er onder de streep meer banen bij zullen komen en daarover mijn zorgen uitspreek. Velen verwijzen naar de angst die de industriële revolutie teweegbracht, omdat het banen zou vernietigen. Die angst is achteraf onterecht gebleken. De Luddieten, de textielwerkers die in het 19e eeuwse Engeland bang waren dat weefmachines hun arm en werkloos zouden maken en ze daarom met veel geweld vernielden, worden een enkele keer aangehaald. En er zijn vast mensen die mijn zorgen rondom robotisering en werkgelegenheid verwarren met Neo-Luddisme. Villemard Van Akker Vindt 2015

Chriet en zijn obsolete apparaten van de toekomst

Ik snap best dat mensen mijn zorgen bagatelliseren. Wanneer je plaatjes ziet over hoe mensen in het verleden verwachtten dat de toekomst er uit zou zien, zoals bijvoorbeeld de plaatjes van Villemard uit de 19e eeuw van het jaar 2000, kan zien dat de perceptie van de toekomst sterk samenhangt met de tijd waarin men leeft. Ook ik moet lachen wanneer ik filmpjes op YouTube of foto’s zie van Chriet Titulaer en zijn gekke baardje met obsolete apparaten van nog niet zo heel lang geleden die het uiteindelijk toch niet gemaakt hebben. Chriet Van Akker Vindt 2015Verwachtingen van de de toekomst blijken achteraf vaak niet uit te komen en wekken vooral milde hilariteit op van de generaties waarover het gaat. Toekomstvoorspellingen zeggen vooral veel over de tijd waarin ze gemaakt worden, dat gold vroeger en dat geldt in veel opzichten waarschijnlijk nog steeds.

Exponentiële ontwikkeling technologie

Wat deze mensen volgens mij over het hoofd zien is dat de technologie zich extreem snel ontwikkelt, namelijk exponentieel. De Wet van Moore houdt kort door de bocht in dat computers en chips elke twee jaar ook twee keer zo krachtig worden. Ik heb zelf nog gewerkt met van die grote slappe floppy-disks, daarvan zou je volgens de website techrepublic.com bijna 3 duizend stuks (!!) nodig hebben om 1 gigabyte aan geheugen te krijgen. Ik bedoel maar. floppy van akker vindt 2015Die ontwikkeling is echt heel erg snel gegaan. Hoewel de Wet van Moore ooit wel af moet vlakken, is dat op dit moment nog niet het geval en wordt er in the mean time hard gewerkt aan superkrachtige kwamtumcomputers. Ik heb niet de pretentie dat ik ook maar een beetje snap hoe dat werkt, maar wat ik wel weet is dat dit qua kracht beesten van computers zijn.

Niet een tijdperk van verandering, maar verandering van een tijdperk

Dit betekent dat de kans groot is dat de kracht van computers binnen afzienbare tijd buiten ons voorstellingsvermogen zal vallen. Net zoals ik begin jaren ’90 niet had kunnen bevroeden dat in bijvoorbeeld mijn mini-tablet een veelvoud van de rekenkracht zit van de computers waar ik toen op werkte. Juist die enorme snelle ontwikkeling kent zijn weerga niet en betekent dat we gaan van een tijdperk van verandering naar de verandering van een tijdperk. Daar ben ik van overtuigd. De huidige ontwikkeling is niet een soort industriële revolutie 2.0 en is volgens mij is het daarom beter om dit niet te bagatelliseren. In het verleden behaalde resultaten bieden in de robotsamenleving geen garanties voor de toekomst.

Ben ik een techno-optimist omdat ik voordelen zie?

Maar ondanks mijn zorgen en kritische noten over werkgelegenheid, de samenleving, consumptiepatronen en big data en privacy, ben ik niet pessimistisch over robotisering of automatisering. Ik denk ook nu, net als ruim twee jaar geleden, dat de digitale wereld juist ook kansen biedt. Waarom zouden we er sappel om zijn wanneer eentonig en weinig verheffend werk overgenomen wordt door robots? Of wanneer werk beter gedaan wordt doordat we werken met robots en slimme apps? Ik zie kansen voor me om net als Keynes al ooit voorspelde dat iedereen minder gaat werken, mensen minder stress hebben en zinvolle keuzes kunnen maken. Dus doe mij die robots gerust. Volgens mij kunnen die dingen heel veel voor ons betekenen.

Nadenken over kaders voor de robotsamenleving

nadenken over de robotsamenleving Van Akker Vindt 2015Het enige wat ik wél wil is dat we goed nadenken over ethische bijkomstigheden van die robotsamenleving die het Rathenau bepleit. Als robots even slim als of slimmer worden dan mensen, welke rechten hebben zij zelf dan? Maar ook op kortere termijn: hoe borgen wij met zijn allen als samenleving voldoende welzijn voor iedereen die buiten de boot van de robotarbeidsmarkt gaat vallen? Welk sociaal contract staan wij voor? Houden we het bij ons klassieke kapitalistische model waar nu al enkele mega-rijken ontstaan die in een winner takes it all-tijdperk enorm rijk worden, terwijl heel veel mensen op een steeds grotere afstand van de arbeidsmarkt komen te staan en in doorlopende onzekerheid leven? Op dit moment zijn hier nog geen echte antwoorden op en al zeker niet vanuit de overheid, die dit wellicht met behulp van wetten onderhand alsnog eens kan beginnen in te kaderen.

Is het basisinkomen de oplossing voor mijn zorgen?

Ik heb me net als velen de afgelopen jaren enigszins verdiept in het basisinkomen. Uitkomsten van eerdere experimenten die een basisinkomen zijn (India) of erop lijken (Canada) zien er best hoopvol uit. Het zou zomaar kunnen dat het basisinkomen een goede vervanger kan zijn voor ons huidige complexe sociale zekerheidsstelsel en het vergt een hele hoop minder gedoe en geld. Heel stellig durf ik niet te zijn, omdat er op dit moment nog niet op grote schaal voorbeelden bekend zijn van een echt universeel en onvoorwaardelijk basisinkomen en hoe dat heeft uitgepakt.

Ik zet in op een basisinkomen in Zwitserland

Experimenten die nu onder de vlag basisinkomen gebeuren op particulier initiatief in Groningen of er gaan komen in Utrecht in een onderzoek met bijstandsgerechtigden, zijn geen universeel en onvoorwaardelijk basisinkomen en zullen de vragen of een basisinkomen kan werken ook niet afdoende beantwoorden. In 2016 wordt in Zwitserland een referendum gehouden om te peilen of er animo is om daar een echt basisinkomen in te voeren. Ik kijk uit naar 2016, want misschien komt er dan ergens een werkelijk basisinkomen en kunnen we kijken hoe dat werkelijk uitpakt. Pas dan kunnen we echt serieus iets zeggen op basis van empirisch onderzoek!

Bedingungsloses Grundeinkommen Van Akker Vindt 2015

Jongeren willen structuur en duidelijkheid in turbulente arbeidsmarkt

Jongeren willen structuur in turbulente arbeidsmarkt Van Akker Vindt 2014

Vorige week promoveerde mijn hogeschoolcollega Stephan Corporaal op zijn onderzoek naar de wensen van de huidige generatie jongeren met een beroepsopleiding. De onderzochte groep jongeren, de ‘Generatie Y’ waar de media het graag over hebben, blijkt opvallend conservatief in hun wensen en wil vooral heel veel duidelijkheid en structuur en zien uitdaging als een baan die past bij hun vooropleiding. Ten opzichte van eerdere generaties hebben ze geen radicale nieuwe wensen. Het enige afwijkende is dat ze toegang willen tot wifi en social media op de werkplek, maar dat heeft meer te maken met de technologie vandaag de dag, dan dat dat een radicale nieuwe wens zou zijn. Ten slotte vind ik het interessant dat blijkbaar de wensen van scholieren en studenten die respectievelijk van het vmbo, mbo of hbo komen onderling nauwelijks uiteenlopen. Tot zover mijn kort door de bocht samenvatting van het proefschrift van Corporaal.

Baanbeginners die goed beslagen het arbeidsmarktijs betreden

Over het feit dat de jongeren uit het onderzoek redelijk behoudend zijn en behoefte hebben aan veel structuur, ben ik niet zo verbaasd: ik geef les aan studenten uit dezelfde generatie als uit het onderzoek. Maar ik maak me, eerlijk is eerlijk, wél een beetje zorgen. De kans is om te beginnen gering dat de dames en heren werkgevers die zo gewenste structuur en duidelijkheid kunnen bieden waar de verse arbeidsmarktbetreders zo naar verlangen. Verder is er zoveel gaande op de arbeidsmarkt, dat het maar de vraag is of de baanbeginners met dit wensenpakket wel goed beslagen het arbeidsmarktijs kunnen betreden. Er zijn namelijk nogal wat dingen gaande die de arbeidsmarkt flink onzeker maken en zeker hun weerslag (zullen) hebben op de manier waarop we gewend zijn te werken.

De arbeidsmarkt en de economie zitten vol met onzekerheden

Hoewel vandaag het bericht (2014) naar buiten werd gebracht door het CBS en de UWV dat er weer minder werklozen zijn en het de goede kant op lijkt te gaan, zijn er ook andere berichten die de ronde doen. Zo groeit de tot nu toe relatief goed boerende Duitse economie minder dan voorspeld en hoor je in de financiële nieuwsberichten het begrip ‘triple dip’ steeds vaker voorbij komen. Naast de economische conjunctuur, zijn er nog tal van andere zaken die de arbeidsmarkt beïnvloeden. Wat te denken van robotisering en technologische werkloosheid ten gevolge daarvan? (Ik schreef er anderhalf jaar geleden een drieluik over: technologie die banen bedreigt, de banen die verdwijnen vóór 2025 en hoe het verder moet als de robots het werk overnemen). Wat te denken van globalisering en opkomende economieën die de welvaartsverdeling op wereldschaal veranderen? Wat te denken van geopolitieke ontwikkelingen, zoals Poetin die links en rechts eens een land annexeert en ISIS die een kalifaat uitroept? Al deze ontwikkelingen en meer maken de wereld onzekerder en onoverzichtelijker. Dat zien werkgevers ook. Zij proberen in toenemende mate hun risico’s in te perken door een deel van hun medewerkers onder te brengen in de flexibele schil van hun organisaties, waardoor zij minder risico lopen dan bij de vaste contracten die ooit de norm waren.

Werkgevers hebben behoefte aan flexibiliteit binnen de organisatieOnderzoek wensen van jongeren met beroepsopleiding Van Akker Vindt 2014

Mensen werken niet langer hun hele leven bij een werkgever en dat is prima, als je dan toch tot je zeventigste (of langer!) door ‘moet’ of mag, kan ik me voorstellen dat een beetje variatie geen kwaad kan. Werkgevers zullen flexibiliteit niet alleen zoeken in de vorm waarin zij hun medewerkers hun bedrijf binnen halen (als ZZP’er, uitzendkracht, op tijdelijke contracten en voor sommigen wellicht nog het oude vertrouwde contract voor onbepaalde tijd), maar ook in flexibiliteit binnen de organisatie. Het is fijn wanneer werknemers zelfstartend zijn en wanneer zij meerdere kunstjes kunnen en niemand daar op toe hoeft te zien. Wanneer bedrijven flexibeler moeten zijn, zullen hun medewerkers ook wendbaarder moeten zijn. Hoewel ik besef dat het onderzoek is gedaan naar jonge baanzoekers die net van school komen, vraag ik me ernstig af in hoeverre zij beseffen dat de arbeidsmarkt een rommelige markt is waar het maar de vraag is of die klassieke ‘onzichtbare hand’ van Adam Smith zijn werk zal doen. De huidige groep gediplomeerden zou bij uitstek zelfredzaam en ondernemend moeten zijn om zich staande te kunnen houden op de arbeidsmarkt, maar zij zoeken in plaats daarvan ‘duidelijkheid en structuur’.

Opleiden tot kritische zelfdenkende werkondernemers?

Corporaal geeft in zijn proefschrift (2014) aan dat de verwachtingen van de jongeren wanneer zij werken gestaag wel wat realistischer worden en dat ze die structuur ook gewend zijn aangereikt te krijgen vanuit het onderwijs. Op dit moment werk ik zelf in het onderwijs en ik denk dat het gerechtvaardigd is om de vraag te stellen of we de studenten wel een dienst bewijzen door zoveel structuur te bieden? Natuurlijk is duidelijkheid goed, maar moeten wij mensen ook niet opleiden tot initiatiefrijke, kritische zelfdenkende en -startende ‘werkondernemers’? Is de wereld van werk waarin zij zich mogelijk een halve eeuw moeten kunnen redden gediend met lichtingen medewerkers die behoefte hebben aan zoveel structuur? Ik vraag me dat ernstig af en ik vraag me daarmee ook af wat de wereld van het (beroeps-)onderwijs moet doen om die studenten die vaardigheden mee te geven die ze nodig hebben om aantrekkelijk te zijn voor werkgevers op de korte termijn en om zichzelf staande te kunnen houden op de arbeidsmarkt op de langere termijn? Ook ik weet niet hoe die arbeidsmarkt er zal uitzien, maar wat ik wel zie is dat de arbeidsmarkt de komende jaren veel zal vragen van werknemers. Zij zullen zich doorlopend bewust moeten zijn van het belang van zelfregie in de eigen loopbaan en zelfregie vergt nogal wat van mensen. Het vergt volgens mij in ieder geval dat je jezelf ook moet kunnen redden en niet kopje onder gaat wanneer structuur en duidelijkheid ontbreken. Dat gebeurt namelijk nogal eens in de echte wereld. Blijkbaar bereiden wij onze jongeren onvoldoende voor op hun toekomst. Mij lijkt dat dat bij uitstek een taak is waarin onderwijs zou moeten voorzien maar waarin duidelijk nog het een ander te winnen valt.

generatie Y wil wifi en social media op de werkplek Van Akker Vindt 2014

The Circle en Big Data: Welkom in Dystopia

The Circle als Google op steroïden - Welkom in Dystopia - Van Akker Vindt 2014

Deze zomer las ik het boek ‘The Circle’ van Dave Eggers uit 2013. The Circle gaat over een jonge professional, Mae Holland die via een vroeger vriendinnetje komt te werken bij het zeer populaire bedrijf The Circle. Het product van The Circle is dat het alle sociale netwerken onderling verbindt en je nog maar een keer hoeft in te loggen. Het bedrijf is erg populair bij de mensen die er gebruik van maken en ook als werkgever. Niet zo gek ook: het bedrijf is zeer high tech, bijzonder innovatief en ze bieden een prachtige campus om op te werken waar niks te gek lijkt. Nou ja: bijna niks. Maar daar kom ik later in dit stukje op terug.

De werkplek als all inclusive resort

The Circle is gehuisvest op een enorm terrein waarin niets te gek lijkt: het kantoor is prachtig ontworpen, er zijn picknickplekken, sportveldjes, een theater, er zijn verschillende optredens per week, je kan er blijven slapen in prachtig ontworpen slaapkamers. En natuurlijk is dit alles gratis voor de bevoorrechte medewerkers van The Circle. Google, The Circle, booksEigenlijk is er geen reden om ooit het terrein te verlaten. Sterker nog: wanneer Mae eenmaal de frisse, wonderschone en vooral ook geordende campus gewend is lijkt de echte buitenwereld en haar flatje daarin grauw, chaotisch en vervuild. Na verloop van tijd woont Mae er bijna, net als veel van haar collega’s. Tot zover de campus van The Circle, die volgens mij niet geheel losjes geïnspireerd is op de Googleplex en de high tech campusomgevingen van Apple, Facebook, Skype enzovoort in Silicon Valley.

KPI’s die uit de bocht vliegen

In het boek zit een rare paradox. De fysieke ruimte mag prachtig zijn en inderdaad een feestje om in te werken, maar in veel opzichten ontbreekt het de medewerkers juist aan ruimte. Mae gaat werken bij de klantendienstafdeling, die Customer Experience heet. Ze heeft een x aantal seconden per gesprek en moet een minimale score halen van 95 uit 100. Dat is al niet laag, maar als de klanten haar niet de volle 100 geven, is het standaardprocedure om na te vragen wat er ontbrak, zodat de feitelijke score in veel gevallen alsnog 100 wordt. Naast deze uit de bocht gevlogen Key Performance Indicators (KPI’s, dus) moet ze ook zorgen dat ze zich constant op social media profileert en interacteert. Er is een ranglijst van alle medewerkers, de PartiRank (Participation Rank) waarop het toch vooral zaak is om zo goed mogelijk te scoren. En alsof dat nog niet genoeg is, wordt ze kort nadat ze begonnen is ook nog onderdeel van een programma, waarbij ze tussen de bedrijven door nog enquetevragen moet beantwoorden via een speciaal oortje dat ze krijgt. Dat gaat niet om een of twee vragen, maar om enkele honderden per dag en als ze niet snel genoeg reageert, wordt ze via een mooi technisch trucje geroepen door haar eigen stem, tot ze dat alsnog doet. Voor mensen die mijn blog al een beetje kennen, mag het duidelijk zijn dat ik hier vanuit het oogpunt van psychosociale werkdruk niet enorm van onder de indruk ben. Mensen hebben nu eenmaal ook rust nodig, om te zijn, te reflecteren en te herstellen.

The Circle als Google op steroïden

In The Circle draait alles om een combinatie van technologische innovaties, het verzamelen en verknopen van heel veel data en daarmee vooral ook om transparantie. Dus de werkomgeving zelf lijkt niet alleen op de Googleplex, maar ook in andere opzichten zijn de lijnen eenvoudig te trekken. Google behoort al jaren tot de meest aantrekkelijke werkgevers ‘ter wereld’ aldus verschillende online media (een snelle zoekopdracht via datzelfde Google levert een keur aan resultaten met deze strekking) en ook daar maken ze de werkomgeving zo aantrekkelijk dat men er graag veel tijd doorbrengt, is er ruimte voor innovatie. Ook bij Google komt men met technologische ‘innovaties’ als de Google glass die een op een niet alleen je eigen privacy, maar ook die van anderen de das omdoen. Ik wil niet teveel verklappen voor de mensen die The Circle nog willen gaan lezen, maar ik kan wel zeggen dat ook The Circle constant in de weer is met het steeds verder verbinden van steeds meer data, het opstellen van draadloze camera’s die 24/7 zijn verbonden met internet en ook met kleine camera’s om de halzen van politici, maar ook van Mae die uiteindelijk ‘transparant worden’ en alles wat ze zien, horen en zeggen constant gestreamd wordt. De parallellen tussen de feiten bij bijvoorbeeld Google en Facebook en de fictie in The Circle zijn verdacht eenvoudig te trekken.

Big Brothers and Sisters are watching you always and everywhere

Het vergt niet zo heel veel fantasie om je te kunnen voorstellen dat die Circle er over een paar jaar zomaar kan zijn. Hoeveel mensen geven desgevraagd niet aan ‘dat ze niks te verbergen’ hebben? Hoeveel delen we met zijn allen niet aan informatie op social media zoals Twitter, Facebook en Instagram? Google Glass Glassholes Privacy Big Brothers and Sisters are watching you always and everywhere Van Akker Vindt 2014Hoeveel delen we wel niet via zoekmachines zoals Google en allerhande apps op onze mobiele telefoons die opdat je hem maar gratis mag downloaden alles van je willen weten (en desondanks toch populair zijn, blijven en worden)? Hoeveel informatie hebben andere organisaties niet over ons ergens in een cloud staan? Wat te denken van de belastingdienst, de ziektekostenverzekeraar, het Electronisch Patiëntendossier, alle webwinkels waar we weleens kijken en ook kopen? Sta eens stil en bedenk wat een enorme hoeveelheid data al deze partijen zomaar gratis van jou hebben gekregen? Zij weten meer over je dan jijzelf, hun geheugen vergeet namelijk niks, waar bij jouzelf weleens iets verdwijnt. Je zult ten slotte als eenvoudige homo sapiens maar alles moeten onthouden, nietwaar? Met al die streamende camera’s door particulieren via The Circle en al die Google glasses en bewakingscamera’s overal is het niet langer Big Brother is watching you, maar Big Brothers and Sisters are watching you always and everywhere. Waar ik soms een enkeling nog weleens hoor beweren ‘dat het niet nodig is voorzichtig met je data om te gaan omdat je dan beter toegespitste aanbiedingen’ krijgt, heb ik ook van innovatie-omarmers gehoord dat ze daar van terug zijn gekomen. Dat Google niet doorzichtig is en bepaalde zoekresultaten structureel weglaat, of naar voren haalt zonder duidelijk te maken welke dat zijn en waarom. Bovendien ben ik meer mens dan consument en zit ik niet altijd te wachten op nog meer algoritmes die nog meer aanbiedingen over me heen uitstorten, maar dat terzijde.

Alle wereldproblemen oplossen met een algoritme

Mae Holland, de hoofdpersoon in het boek is niet kritisch over de mate van transparantie die door haar werkgever aan haar als medewerker en burger gevraagd wordt. Op een gegeven moment wordt Mae ‘betrapt’ op het feit dat ze niet voldoende transparant is. Ze is in haar eentje gaan kayakken en heeft daarover niets gedeeld op Zing, het grote sociale medianetwerk van The Circle. Ze wordt hierop streng op aangesproken door Bailey, een van de grote bazen van The Circle die als een Steve Jobs onder luid gejuich en applaus regelmatig zijn medewerkers toespreekt over de nieuwste innovaties. Naar aanleiding van het gesprek met Bailey, spreekt Mae uiteindelijk al haar collega’s toe in een gescript tweegesprek met Bailey waarin ze als een ware visionair de volgende woorden uitspreekt:

Secrets Are Lies

Sharing is Caring

Privacy is Theft

Nog los van de inhoud en implicaties van deze woorden zelf en het feit dat Mae zelf behoorlijk kritiekloos is gehersenspoeld, is het engste in het boek nog dat de toegesproken Circle-medewerkers deze woorden met wild enthousiasme ontvangen. Mae wordt zelf transparant en verkondigt vervolgens zelf blij het evangelie: alle wereldproblemen zijn op te lossen met het schrijven van een simpel algoritme. Als we maar zoveel mogelijk delen, kunnen we alles voorzien, voorspellen en oplossen. Mensen in Mae’s eigen omgeving die wel kritisch zijn over al deze transparantie en nog wel wat privacy en een eigen leven er op na willen houden, wuift Mae weg als een soort holbewoners die het allemaal niet zo goed begrijpen. Ze neemt zich voor om ook hen te overtuigen en dat gaat in een specifiek geval zo ver dat de dood erop volgt.

De keerzijde van de cloud en social media

Hoe het boek afloopt ga ik niet verklappen, net als dat ik heb geprobeerd genoeg maar niet teveel te vertellen om duidelijk te maken dat er ook een keerzijde is aan al deze technologie. Googleplex Welkom in Dystopia Van Akker Vindt 2014Wanneer de wetenschap gebruik maakt van big data om patronen te leren herkennen bij bepaalde ziektebeelden, ben ik daar niet zondermeer tegen, maar ben ik me wel bewust van veiligheidsaspecten die hiermee samenhangen. Niet zolang geleden zijn er uit de iCloud van een serie Amerikaanse beroemdheden allemaal naaktfoto’s gestolen. Het lijkt erop dat hier geen sprake is van een hack, maar van phishing, dus dat men op een andere manier informatie heeft losgepeuterd om bij bij die foto’s te kunnen komen. Wat ik hiermee wil zeggen is dat al die mensen die niets te verbergen zeggen te hebben, zichzelf (als-)nog maar eens goed achter de oren moeten krabben of dat echt wel zo is. Misschien zou het niet zo’n slecht idee zijn om een eenvoudig te lezen boek als dit verplicht leesvoer te laten zijn op de middelbare school en leerlingen wezenlijke discussies te laten voeren over de gevolgen van transparantie en big data. Dan kunnen ook de generaties die zijn opgegroeid in een wereld vol technologie, wifi en internet ook beseffen wat het doorlopend delen van hun informatie kan betekenen en leren daar zorgvuldig mee om te springen. Want wanneer er echt een (niet-)kritische massa gevormd wordt die niets te verbergen heeft, dan is de wereld die Eggers in zijn boek The Circle schetst niet zo heel erg ver weg.

The Circle Dave Eggers Van Akker Vindt 2014 Welkom in Dysopia