Een paar levenslessen van oude wijzen of wijze ouderen

levenslessen van oude wijzen of wijze ouderen Van Akker Vindt 2016

In dit blog heb ik het al verschillende keren gehad over ouderen op de arbeidsmarkt en dat zelfs die veertigers soms al als ‘te oud’ worden gezien. Absurde toestanden. In het vorige blog ging het over de inzichten van mensen die terug keken op hun leven. Ik blijf nog even een blog lang in de hoek van de oude wijzen of wijze ouderen. Ruim duizend ouderen die nog vol in het leven stonden werden geïnterviewd door geriater Karl Pillemer. Hij bevroeg deze oudere medemensen over hun visie op relaties, werk, leven, kinderen en persoonlijk geluk. Pillemer heeft er een boek vol over geschreven en dat ga ik hier niet doen, dus ik pik die dingen eruit die ik het meest relevant vind voor dit blog. Dat je vooral met iemand een relatie moet beginnen die veel op je lijkt en hoe je kinderen moet opvoeden laat ik dus even links liggen. Hier de adviezen van de ‘oudjes’:

Kies werk op basis van intrinsieke motivatie en niet voor het geld

Choose a job you love and you will never have to work a day in your life. Van Akker Vindt 2016Op internet zie je hem weleens voorbij komen: “Choose a job you love and you will never have to work a day in your life.” De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik daar nogal nuchter in ben. Voor veel mensen is werk gewoon werk en ik zie weleens cijfers voorbij komen dat negen op de tien medewerkers niet bevlogen zouden zijn. Degenen die wel bevlogen zijn, horen blijkbaar tot het topje van de ijsberg dat inderdaad van hun baan houdt. Ook voor bevlogen mensen is werk nog steeds werk zou ik denken, maar dan in ieder geval werk dat ze veel meer biedt dan alleen geldelijk gewin.

Wat ik wél geloof, is dat je je werk zou moeten kiezen op basis van de intrinsieke waarde. Er is tal van onderzoek dat uitwijst dat boven een bepaalde standaard mensen niet speciaal gelukkiger meer worden van meer geld. De oudjes uit het onderzoek gaan zelfs nog een stap verder en beweren dat hoe meer je verdient, hoe ongelukkiger je ervan wordt! Dat is een vrij boude stelling. De gedachte erachter is dat je voor al dat geld toch echt moet ‘werken’ waar je dat niet zou doen wanneer je werk doet waar je van houdt. Wat die oudjes zeggen is dus ook ongeveer wat ik lees over de generatie Y, die vooral voor de intrinsieke waarde van het werk gaat. Lijkt me een verstandige keuze en hoewel er vast wel verschillen zijn tussen generaties, denk ik dat er genoeg anderen zijn die er zo over denken. Ook ik als exponent van de generatie X! Net als de bevraagde senioren geloof ik ook dat je jezelf moet gunnen om alsnog die leuke baan met de nodige autonomie te vinden waar je je ei in kwijt kan en dat je niet alleen moet werken aan je vakkennis maar ook aan je emotionele intelligentie.

Ga vaker op reis, dat is goed voor je relativeringsvermogen Van Akker Vindt 2016

Krijg geen spijt en vergeef anderen

Leven zonder spijt achteraf lijkt volgens Pillemer vooral een neveneffect te zijn van trial and error, dus leren door dingen uit te proberen en soms ook te falen. Hoewel veel van de ondervraagden iets zeiden over leven zonder spijt, gaven ze tegelijkertijd ook aan dat dit voor veel mensen niet haalbaar is. Ik heb de details er niet bij gezocht, maar je zou je afvragen of deze mensen dan vinden dat ze wijzer zijn dan anderen als velen van hen dit denken? In dat geval is niks menselijks ook de oudjes niet vreemd.

Wat ze wel aangeven, is dat het belangrijk is dat ze hebben geleerd zichzelf en anderen met al hun beperkingen, missers en teleurstellingen te accepteren en waar nodig vergeven. Die vergevingsgezindheid is niet alleen zodat mensen zich er makkelijk van af kunnen maken, maar vooral om het eigen leven wat lichter te maken. Te lang stil staan bij alle fouten en wat er mis is gegaan, kost onnodig veel tijd en energie die ook op een prettigere manier had kunnen worden aangewend. Vergeving is een vorm van het loslaten van wat achter je ligt en ruimte te maken voor het heden. Verder vinden ook deze oudere mensen (net als in het vorige blog) het belangrijk om eerlijk naar zichzelf en anderen te zijn en je gevoelens te uiten. Verder wordt vaker op reis gaan aangehaald als iets om zeker te doen. maak je niet teveel zorgen Van Akker Vindt 2016Als reisliefhebber kan ik het daar alleen maar hartgrondig mee eens zijn. Reizen biedt avontuur, een venster op de wereld en het nodige relativeringsvermogen. Ook wij polderklagers hebben het ondanks ons gezeur echt niet zo slecht, zeker niet wanneer we ons leven vergelijken met mensen die de pech hadden om in een minder welvarend of veilig land geboren te worden.

Kies voor je geluk

Kiezen voor geluk kwam ook in het vorige blog al aan de orde. Geluk is iets wat we ondergedompeld in de dagelijkse beslommeringen lijken te vergeten. Ook hier halen Amerikaanse senioren aan dat het geluk in hun zelf zit en ze daar zelf verantwoordelijk voor zijn. Geluk moet volgens deze mensen dan ook niet afhangen van dingen buiten hen zelf. Dit is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Weinig mensen zijn zo verlicht dat ze niet zo nu en dan een keer uit het veld geslagen worden door iets wat hen overkomt. Het kan verkeren, kortom. Ten slotte adviseren de ouderen nog om je te richten op de korte termijn, je niet teveel zorgen te maken, te genieten van de kleine dagelijkse dingen en om vertrouwen te hebben. Wie kan het daar nou mee oneens zijn?!

genieten van de kleine dagelijkse dingen Van Akker Vindt 2016

 

Advertenties

Vraagje: voor wie leef jíj eigenlijk?

Voor wie leef en werk je Van Akker Vindt 2016

In mijn vorige blog schreef ik over een onderzoek dat onder andere uitwees dat vooral mensen die meer werken dan ze zelf het liefst willen, daar negatieve psychische effecten van ondervinden. Op dat blog kwam een reactie van een voormalige collega, die zei dat politici mensen best mogen oproepen om meer te werken en dat mensen die in deeltijd werken soms ook meer willen werken om hun inkomen op peil te brengen. Laat ik helder zijn: politici mogen roepen wat ze willen. Ook zij leven in een (relatief) vrij land. En natuurlijk snap ik dat er mensen zijn die meer willen werken om voldoende inkomen te genereren. Ik heb nergens gepropageerd dat iedereen in deeltijd zou moeten werken, maar wél dat mensen hun eigen keuzes moeten maken en tenslotte constateerde ik dat Nederland als kampioen deeltijdwerken door de bank genomen behoorlijk gelukkig is.

Aanzwengelen vaderlandse economie als individueel levensdoel?

Aanzwengelen vaderlandse economie als levensdoel Van Akker Vindt 2016Vooral het laatste zinnetje in de reactie dat meer werken goed is voor de economie is bij me blijven hangen. De vraag is natuurlijk waartoe wij op aard zijn en of het aanzwengelen van de vaderlandse economie voor mij en anderen in dit land op individueel niveau de reden voor ons bestaan op deze aardkloot is. Ik maak mezelf in ieder geval graag en met overtuiging wijs dat het laatste niet zo kan zijn. Als je ook met minder dan een voltijds baan in je levensonderhoud kan voorzien en vrije tijd en vrijheid belangrijker vindt dan geld op de bank, lijkt mij dat een keuze die je vrijelijk en weloverwogen moet kunnen maken. Dat kan ik zelf vinden op basis van mijn persoonlijke waarden en dat kan ik vinden op basis van het aangehaalde onderzoek. Maar misschien is er nog wel iets wat de moeite waard is om hier aan te halen.

Op hun sterfbed wensen mensen dat ze dingen anders hadden gedaan Van Akker Vindt 2016

Op hun sterfbed wensen mensen dat ze dingen anders hadden gedaan

Een paar jaar geleden ging een bericht van een de palliatief verpleegkundige Bronnie Ware viral. Daarin schreef Bronnie over een aantal zaken waarvan mensen op hun sterfbed aangaven spijt te hebben. Op nummer twee stond dat vrijwel alle mannen (het ging om een generatie waarin zij vrijwel altijd de kostwinners waren) achteraf wensten dat ze minder hadden gewerkt en meer tijd aan de mensen om zich heen hadden besteed. Voor deze mensen is het ergens natuurlijk ontzettend tragisch dat zij te laat tot dit inzicht zijn gekomen om er nog iets aan te kunnen doen. Misschien zijn wij die hiervan kennis nemen het wel aan hun en zeker ook aan onszelf schuldig om daarvan te leren en bewuster om te gaan met de tijd die we hebben op deze aardkloot en deel ik de top vijf van dingen waar mensen spijt van hadden op hun sterfbed nog maar eens.Ter lering en ter aanpassing zullen we maar zeggen, want vermakelijk is het niet wat mij betreft. Daarom hier nog eens de top vijf van dingen waarvan mensen op hun sterfbed aangaven dat ze die graag anders hadden gedaan:

  1. Ik zou willen dat ik de moed had gehad om mijn leven naar mijn eigen inzicht te leiden in plaats van het leven te leiden dat door anderen werd verwacht

Aanzwengelen economie als individueel levensdoel Van Akker Vindt 2016Dit was het meest algemene en meest voorkomende punt van spijt. Wanneer mensen beseffen dat hun leven ten einde loopt, krijgen mensen een duidelijk beeld van al die dromen die niet in vervulling zijn gegaan. De meeste mensen hadden nog niet eens de helft van hun dromen vervuld en beseften op hun sterfbed dat dit samenhing met de keuzes die ze hadden gemaakt, of juist hadden nagelaten te maken.

Zo goed en kwaad als het soms gaat, probeer ik mijn dromen en wensen al na te jagen. We hebben immers niet het eeuwige leven en we blijven niet altijd gezond. Dus doe de dingen die je wilt, zolang het nog kan en je gezondheid het nog toelaat. Dat kan zomaar veranderen. En mocht een wild plan mislukken? Nou dan weet je in ieder geval dat je het hebt geprobeerd. Lijkt mij nog altijd aangenamer om dat te constateren, dan op je sterfbed te denken ‘had ik maar…’

  1. Ik zou willen dat ik niet zo hard had gewerktAanzwengelen economie als levensdoel Van Akker Vindt 2016

Zoals gezegd gaven alle mannen dit aan op hun sterfbed. Ze hebben hun kinderen niet zien opgroeien en hebben het gezelschap van hun geliefde gemist. Ook de vrouwen vonden dit jammer, maar de meeste vrouwen van die generatie waren geen kostwinners. De mannen vonden het zonder uitzondering jammer dat ze zoveel tijd en energie hadden gestopt aan hun werk.

Je hebt zelf invloed op hoe je je leven inricht en je kan daarin bewuste keuzes maken. In dit blog heb ik bijvoorbeeld al eens aandacht besteed aan kleiner leven in tiny houses, zodat je minder kosten maakt en dus ook minder hoeft te werken. Met de ruimte die dat maakt in je leven, ben je gelukkiger en vrijer om keuzes te maken gebaseerd op je eigen waarden en voorkeuren.

  1. Ik zou willen dat ik de moed had gehad om mijn gevoelens meer te uiten

Je kunt de wind niet veranderen, maar wel de stand van je zeilen. Van Akker Vindt 2016Veel mensen onderdrukken hun gevoelens en emoties om de lieve vrede te bewaren. Daardoor hadden veel mensen zich neergelegd bij een middelmatig leven waarin ze nooit zijn geworden wie ze hadden kunnen worden. Bij veel mensen ontstonden ziektes die te maken hadden met de verbittering en wrok die ze voelden.

Je kunt de wind niet veranderen, maar wel de stand van je zeilen. Je hebt de reacties van anderen niet in de hand, maar wel die van jezelf. Mensen zullen niet altijd goed kunnen omgaan wanneer je eerlijk zegt wat je vindt, maar in veel gevallen zal uiteindelijk de onderlinge verhouding in positieve zin veranderen. Als de relatie niet in positieve zin verandert, zal de persoon in kwestie waarschijnlijk uit je leven verdwijnen. Hoewel dat pijnlijk kan zijn, ben je ook dan uiteindelijk beter af. Win win dus.

  1. Ik zou willen dat ik contact met mijn vrienden had gehouden

Veel mensen beseffen het belang van hun vriendschappen niet tot het einde van hun leven in zicht komt en op dat moment kan je ze niet altijd meer traceren. Veel van de patiënten van Bronnie Ware waren zo opgeslokt geraakt door hun eigen leven dat ze belangrijke vriendschappen hadden laten verwateren.

Iedereen heeft het druk en het kan heel makkelijk gebeuren dat vriendschappen op de achtergrond raken en verwateren. Geld en status zijn voor mensen op hun sterfbed niet langer belangrijk, ook niet als dat eerder wel zo was (of leek!) Natuurlijk willen mensen op hun sterfbed goed zorgen voor de mensen die achterblijven, maar uiteindelijk draait het toch om liefde en waardevolle relaties met anderen.

  1. Ik zou willen dat ik mezelf had toegestaan gelukkiger te zijnlekker gek doen Van Akker Vindt 2016

Ook deze spijtbetuiging kwam blijkbaar veelvuldig voor. “Veel mensen beseffen niet dat geluk een keuze is”, vindt Ware. “Mensen bleven hangen in oude patronen en gewoonten. Angst om ingesleten gewoonten te doorbreken, maakte dat ze zichzelf en anderen voorhielden dat ze tevreden waren, terwijl ze eigenlijk graag eens heel hard wilden lachen of eens lekker gek hadden willen doen.”

Ik heb het gelukkig zelf nog niet verleerd om lekker domme dingen te doen, thuis of in de openbare ruimte. Als je timing goed is, kan je zomaar meemaken dat ik een dansje doe in een winkel. Dat komt niet vaak voor, maar als het moment zich aandient, laat ik me niet weerhouden door de meningen van anderen. Veel mensen zijn bezig met wat anderen wel niet van je zullen denken, maar wanneer je terugkijkt op je leven dat bijna ten einde is, is dat helemaal niet meer van belang. (En nu dus ook niet!)

Ik kan het alleen maar eens zijn met de conclusie van Ware:

Life is a choice Van Akker Vindt 2016‘Life is a choice It is YOUR life.
Choose consciously, choose wisely, choose honestly.
Choose happiness’

Life is a choice Van Akker Vindt 2016

Oftewel: je hebt keuzes, het is JOUW leven. Maak bewuste keuzes, maak wijze keuzes, maak eerlijke keuzes. Kies voor geluk. Ik zou nog willen toevoegen: kies voor je eigen geluk. Je leeft maar een keer, dus maak er wat van!

Kies voor jouw geluk. Je leeft maar een keer, dus maak er wat van! Van Akker Vindt 2016

Deeltijdparticipatiemaatschappij in Nederland is zo gek nog niet!

Misschien is een deeltijdparticipatiemaatschappij zo gek nog niet! Van Akker Vindt 2016

Er zijn mensen die zich nog al druk maken over het feit dat Nederland ‘Kampioen Deeltijdwerken’ is. Dat in Nederland veel mensen in deeltijdbanen werken zal ik niet weerleggen. Een korte graafactie in de bakken van het CBS laat zien dat in 2015 iets minder dan de helft (49 procent) parttime werkte, dus minder dan 36-40 uur. Zo’n 20 procent werkte minder dan 20 uur per week en de andere 29 procent werkte 20 tot 35 uur per week. En het zijn vooral vrouwen die in Nederland in deeltijd werken. Misschien niet zo gek, want volgens een recente publicatie van het CPB voelen vrouwen zich in het algemeen drukker dan mannen en is hun vrije tijd door de bank genomen gefragmenteerder.

Is het erg wanneer we niet allemaal fulltime werken?

Argumenten tegen al dat deeltijd werken gaan over het economische verlies dat we als natie zouden lijden, dat er talent ‘verloren zou gaan’, dat men minder carrière kan maken, dat te weinig vrouwen economisch zelfstandig zijn en dat we meer moeten werken om de pensioenpotten een beetje gevuld te houden. Of ik me wel of niet kan vinden in deze argumentatie en waarom wel of niet, is misschien een leuk onderwerp voor een toekomstig blog. Voor dit moment wil ik me even toeleggen op de vraag of het nou zo erg is dat we (lang) niet allemaal fulltime werken. In de media lezen we nog weleens over mensen in precaire flexibele banen die te weinig uren hebben en niet rond kunnen komen, of over groepen zzp’ers waar hetzelfde voor geldt. Maar andersom zijn er ook mensen die meer uren werken dan ze het liefst willen. Daar horen we volgens mij iets minder over, maar dat is misschien nog wel onwenselijker dan te weinig werken.

Onderzoek naar effecten van verschil tussen gewenste en werkelijk gewerkte uren

Vorige maand publiceerden een aantal onderzoekers uit Duitsland en Australië namelijk de resultaten van hun onderzoek naar de effecten van meer of minder werken dan je eigenlijk wilt. De onderzoekers gebruikten hiervoor grote Duitse en Australische databestanden, gebaseerd op vragenlijsten van verschillende jaren door de tijd heen. Vooral meer uren werken dan gewenst negatief voor psychisch welbevinden Van Akker Vindt 2016In de vragenlijsten waren vragen opgenomen over het gemiddelde aantal feitelijke uren dat men werkte en het aantal uren dat men eigenlijk zou willen werken en met vragen over de zelf gerapporteerde psychische gesteldheid van degenen die de vragenlijsten invulden. Wanneer deze respondenten gemiddeld minimaal vier uren per week meer of minder werkten dan ze zouden willen, telden ze mee als mensen met een mismatch in gemiddelde arbeidsduur.

Vooral meer uren werken dan gewenst negatief voor psychisch welbevinden

Uit het onderzoek blijkt dat vooral mensen die gemiddeld meer werken dan ze willen hier last van ondervinden, ze zijn gemiddeld minder tevreden over hun baan dan mensen die ongeveer evenveel werken als ze wensen. De onderzoekers keken ook of de arbeidsduur hierbij het verschil maakte en controleerden bijvoorbeeld fulltime werkenden die liever minder zouden werken met een groep van mensen die fulltime werkten, maar dat ook wilden. Ook na deze controle bleek dat vooral het verschil tussen feitelijke en gewenste uren het verschil maakte in het psychisch welbevinden van de respondenten. Bij vrouwen was dit negatieve effect van ‘teveel’ werken nog wat sterker dan voor de mannen. Overigens wordt in de publicatie niet uitgebreid gespecificeerd waaruit de negatieve effecten van het psychische welbevinden precies bestond en hoeveel impact dit op het dagelijks functioneren van de respondenten had.

Sociale normen van invloed op psychische effecten minder werken dan gewenst

Bij het minder werken dan gewenst, was het negatieve effect voor de Duitse groep vrijwel nihil en iets sterker voor de Australiërs. Betere match gewenste en feitelijke uren goed voor werkgever en werknemer Van Akker Vindt 2016Dit zou volgens de onderzoekers heel goed kunnen komen door normen in de samenleving en instituties zoals regelingen voor sociale zekerheid, waardoor Australiërs meer last hadden van minder uren werken dan gewenst. Ik stel me voor dat Nederland in dat opzicht meer lijkt op onze oosterburen dan op onze tegenvoeters, gewoon omdat we in politiek en economisch opzicht best veel op elkaar lijken.

Als kampioen deeltijd zijn we best gelukkig met zijn allen

Zoals gezegd wordt uit de publicatie van Otterbach en zijn Australische collega’s niet veel duidelijk over de precieze psychische uitwerking van het teveel werken. Toch zou ik zo op het eerste gezicht denken dat onze politici misschien iets minder moeten hameren dat al die deeltijders het liefst meer moeten werken dan ze nu doen. Mensen worden er blijkbaar gewoon wat ongelukkiger van wanneer ze meer werken dan bij ze past. Geluk is ogenschijnlijk geen variabele die van belang is voor Den Haag, maar voor al die –op dit moment ruim 17 miljoen!- individuen in Nederland zelf natuurlijk wél. Overigens geven Nederlanders volgens het World Happiness Report uit 2015 hun leven een 7,4 en staan daarin in de top tien van gelukkigste naties ter wereld. Goede kans dat al dat deeltijdwerken hierbij een belangrijke positieve invloed is.

Betere match gewenste en feitelijke uren goed voor werkgever en werknemer

Misschien kunnen de dames en heren werkgevers, HRM’ers en recruiters ook wel iets met deze informatie. Als die ideale kandidaat nou iets minder wil werken dan je in gedachten had, is het misschien best de moeite om te kijken of je daar mee akkoord kan gaan. Datzelfde geldt natuurlijk ook voor een zittende werknemer. Een arbeidsduur die beter aansluit op de wensen van de (toekomstige) werknemer, leidt namelijk tot meer psychisch welbevinden en een grotere arbeidstevredenheid. Ik zou zelf denken dat dat de moeite waard is voor beide partijen. En die politici die willen dat we meer werken? Laat ze maar kletsen zou ik zeggen. Maken wij intussen individueel en in overleg met onze werkgevers onze eigen keuzes, werkt de helft van ons in deeltijd en geven we ons leven gemiddeld een dikke zeven. Niks mis mee.

 

 

Als kampioen deeltijd zijn we best gelukkig met zijn allen Van Akker Vindt 2016

 

Tiny houses en een pleidooi voor groots leven

tiny houses groots en klein leven Van Akker Vindt 2015

Een paar weken geleden stuitte ik voor het eerst op het fenomeen tiny houses. Een student zag namelijk tiny houses als mogelijke oplossing voor dakloosheid. De hele scriptie heb ik niet gelezen, maar ik was wel gefascineerd door het plaatje wat erbij stond. Op het plaatje stonden een rijtje minieme poppenhuisjes bij elkaar. Nog wat verder zoekend op het wereldwijde web kwam ik erachter dat tiny houses niet alleen maar hele kleine huisjes zijn, maar dat er met name in de Verenigde Staten een hele beweging achter zit. The tiny house movement, vrij vertaald de kleine huisjes beweging en een rondje Googlen levert een arsenaal aan voorbeelden op van kleine moderne huisjes, woonwagens, tot huisjes die stiekem lijken te zijn weggelopen uit de Efteling toen even niemand keek of waar op elk moment een hobbit uit kan opduiken.

Wonen in een huisje zo groot als een studentenkamer

Tiny house van binnen Van Akker Vindt 2015Mensen wonen niet alleen in tiny houses omdat ze zo schattig zijn, of omdat de bewoners in kwestie arm zijn of geen andere opties hebben. Het is een bewuste keuze om kleiner te leven: om te beginnen letterlijk. Waar een gemiddeld huis in Amerika al gauw zo’n 200 vierkante meter groot is, doen de mensen in de tiny houses het met veel minder, laten we zeggen ongeveer tussen de 15 en 30 vierkante meter per huisje. Niveautje studentenkamer dus, maar dan in de vorm van een heus huisje. Veel van de tiny house-bewoners bouwen zo’n huisje zelf. In sommige gevallen staan ze op wielen in verband met wetgeving die (natuurlijk) van staat tot staat verschilt, maar dat is niet per se zo bij alle kleine huisjes.

Kleiner wonen: wat cijfers

Kleiner leven is dus niet een kwestie van armoede of gebrek aan keuzes, maar juist het gevolg van het maken van keuzes. In de kleine huisjes wonen vaker dan gemiddeld mensen met een academische opleiding. Waar van de gewone huiseigenaren in de VS een kleine 30 procent hypotheekvrij leeft, geldt dat voor 7 op de 10 kleine huisjes-bewoners. Waar een gemiddeld huis ruim 270 duizend dollar kost, kost een klein huisje gemiddeld minder dan een tiende van dat bedrag en dan hebben we het nog niet eens gehad over de hypotheekrente! Kleiner wonen is goedkoper wonen, zoveel is logisch.tiny houses pleidooi voor grootser levern Van Akker Vindt 2015

Alleen de dingen om je heen die je écht nodig hebt

Met zo’n klein huisje moet je ook andere keuzes in je leven maken. Om überhaupt in een klein huisje te kunnen wonen, zul je je hoeveelheid spullen moeten beperken of terugbrengen. Er is alleen plek voor de dingen die je echt nodig hebt en echt beslist in je huis wilt hebben. Je zult dus slim moeten omgaan met de beperkte ruimte die je hebt. Maar er zijn genoeg handige trucjes en woonwarenhuizen die je daarmee kunnen helpen.

Klein leven gooit je leven open

Een andere directe consequentie van de keuze om kleiner te leven in een klein huisje en het feit dat je daar minder geld voor nodig hebt, betekent ook dat je in de positie bent om andere keuzes te maken. Je hoeft je niet een slag in de rondte te werken om die enorme stapel bakstenen elke maand af te betalen. Je kan dus kiezen voor werk dat minder goed betaalt (maar waar je wel blijer van wordt), minder zeker is (leuk voor zp’ers en flexwerkers) of de keuze maken om minder te werken en andere dingen te doen die je hart je ingeeft. Niet langer bezig zijn als goed consument zoveel mogelijk te besteden om de economie draaiende te houden zoals veel economen en politici voorstaan, maar bezig met zinvol leven. Mij spreekt dat wel aan.

Groots klein leven uit je rugzak

Sommige tiny houses lijken zo ontsnapt uit de Efteling Van Akker Vindt 2015Zelf heb ik als student en daarna lang klein geleefd, in studentenhuizen, dus altijd gedoe over rekeningen, schoonmaken enzovoort. Dus dat was een minder ideale variant. Later als backpacker leefde ik langere tijd met alleen een rugzak en wist ik lang niet altijd ’s ochtends waar ik ’s avonds zou slapen. Er zijn mensen voor wie dat drie keer niks is, maar ik was wel gelukkig met dat grootse kleine leven als backpacker. Het mag duidelijk zijn: die tiny houses spreken mij enorm aan. Inmiddels woon ik in een echt grotemensenhuis en dat is ook heel fijn na al die jaren in kleine huisjes heb ik eindelijk alle ruimte, die ik mag delen met mijn lief. Maar eerlijk is eerlijk: ik vind zo’n koophuis ook een grote verantwoordelijkheid. Het maakt je leven in zekere zin een beetje zwaarder, terwijl ik eigenlijk houd van licht leven.

Zijn kleine huisjes iets voor Nederland?

Ik heb desondanks geen intentie om te verhuizen, ik woon namelijk wel heel fijn en comfortabel. Wat ik me wel heb afgevraagd is of die kleine huisjes in Nederland ook zo goed zouden werken. En hier komt de domper: ik ben bang van niet. Bij ons is er minder ruimte en grond om je huisje op te zetten is hier dus behoorlijk aan de prijs, wat het voor ons waarschijnlijk toch haalbaarder maakt om in hoogbouw te wonen. En het mooie hotel met de ogenschijnlijk gestapelde Zaanse huisjes ten spijt, lijkt het stapelen van kleine huisjes me niet zo realistisch. Tiny house in een oogopslag Van Akker Vindt 2015Bovendien wonen we, ondanks dat het flink wat kost heel vaak al kleiner dan de mensen aan de andere kant van de grote plas. Het enige wat een beetje in de buurt lijkt te komen zijn kleine studio-appartementjes en (gestapelde) containerwoningen voor (recente ex-)studenten of een strandhuisje voor een kleine groep mazzelaars.

Pleidooi voor groots leven door klein te leven

Wat wel iets voor Nederland is, is misschien het gedachtengoed dat erbij hoort. Niet alleen maar meer meer meer besteden zodat de economie weer gaat lopen, zodat we nog meer kunnen besteden, zoals de politiek bepleit, maar meer leven door minder te consumeren. Volgens mij kan het en volgens mij is het de weg voorwaarts. Ik wil niet van ons fijne huis af, maar doe er alles aan om kleiner te leven door zo snel mogelijk van die hypotheek af te komen en probeer zinvolle weloverwogen keuzes te maken. Ja dat werkt niet altijd in de praktijk, maar zonder wrijving geen glans: ik pleit voor groots leven door vooral kleiner te leven en zelf bewuste keuzes te maken! Doe je mee?

sprookjesachtig tiny house Van Akker Vindt 2015

Komt u ook zo happy uit de Grote Recessie?

Clap along if you feel like a room without a roof Van Akker Vindt 2014

Clap along if you feel like a room without a roof”

Herken je die oorwurm van Pharell Williams? Hij heet ‘Happy’ en staat wanneer ik dit schrijf alweer bijna drie kwart jaar in de vaderlandse hitparades. Good for Pharell natuurlijk, maar ook voor ons want de blijheid slaat genadeloos toe wanneer je het hoort. Misschien is het toeval, maar volgens mij is Nederland – achteraf gezien – ook ongeveer drie kwart jaar uit de recessie. Dat is alvast genoeg om vrolijk van te worden, want vijf jaar recessie was natuurlijk lang zat. Heel hard hoeven we ook nog niet te juichen, want die arbeidsmarkt die ziet er voorlopig nog helemaal niet zo rooskleurig uit. De media hebben sinds het begin van dit jaar vol gestaan met fabrieken die gingen sluiten en mensen die op straat kwamen te staan en ook jongeren en schoolverlaters komen verdomd lastig aan de bak. Maar staan de jongeren die tijdens die recessie voor het eerst de arbeidsmarkt betraden ook anders in het leven en meer specifiek in hun werkzame leven? Dat vroeg mevrouw Bianchi zich ook af, ze zocht het uit en ze publiceerde daar eind 2013 over.

Tevredener met baan ook als die minder opbrengt

Bianchi pakte er de gegevens bij van drie verschillende grootschalige onderzoeken in de Verenigde Staten van Amerika en concludeerde dat hoogopgeleiden die de arbeidsmarkt betraden ten tijde van ‘De Grote Recessie’ tevredener met hun werk waren dan hun soortgenoten die hun eerste schreden hadden gezet tijdens economisch goede tijden. Bianchi hield daarbij rekening met verschillende branches en keuzes die mensen hadden gemaakt op loopbaangebied en becijfert dat de arbeidsmarktbetreders in recessietijd ook nog steeds tevredener zijn als ze minder verdienen dan de cohorten die in betere tijden op de arbeidsmarkt kwamen. Bovendien houdt die extra baantevredenheid ook stand lang na dat de recessie over is, blijkt uit haar cijfers waarin ook gegevens zijn meegenomen van die andere crisis uit de tachtiger jaren van de vorige eeuw.

Hoera voor mentale halfvolle glazen

Die extra dosis tevredenheid wordt wellicht verklaard door de derde set longitudinale gegevens die Bianchi analyseerde, want daaruit blijkt dat mensen die in economisch beroerde tijden voor het eerst een serieuze baan zoeken, zich relatief minder bezig houden met nadenken hoe ze het beter hadden kunnen doen en ze zijn dankbaarder voor hun werk en het feit dat ze überhaupt werk hebben. Ze kijken dus meer naar wat ze wel hebben, dan naar wat ze niet hebben en een mentaal halfvol glas is nou eenmaal beter voor de mens dan het zich richten op dat deel van het glas dat nog gevuld had kunnen of moeten worden. En die lege ruimte in dat glas is er natuurlijk wel degelijk in barre economische tijden: de eerste banen die mensen weten te krijgen, zijn vaak slechter van kwaliteit, bijvoorbeeld een lager niveau en slechter betaald, dan wanneer zij in economisch florerende tijden de eerste stappen in hun loopbaan hadden gezet.

Never mind the Joneses!Never mind the Joneses  Van Akker Vindt 2014

Misschien maakt een recessie in die zin mensen wel bescheidener en nederiger in positieve zin en misschien ook wel wat minder materialistisch. Natuurlijk bestaat het ‘sociale’ internet 2.0 inmiddels al een kleine 10 jaar ofzo, maar ik vraag me af of het toeval is dat er nu sites zijn waar je een auto kan huren van iemand bij je in de buurt (Snappcar) die hem toch niet elke dag gebruikt, gereedschap of andere spullen kan lenen (Peerby) enzovoort. Niet langer ‘keeping up with the Joneses’ en proberen net zoveel spullen te bemachtigen als de mensen om je heen, maar delen waar dat kan en uit te gaan van jezelf en niet mee te gaan in een consumptistische maalstroom waar je per saldo niet gelukkiger van wordt.

De Skidelsky’s en de economie van het genoeg

Misschien is dit al een beetje het actieve burgerschap, de empowerment en de participatiesamenleving die de regering predikt. Maar.. dan met minder verspilling en minder consumentenbestedingen en dat laatste zal Rutte dan wel weer niet zo leuk vinden. Bovendien is dit iets wat van de mensen zelf komt en dat voelt toch wel een beetje anders dan die zogenaamde participatiesamenleving die Mark en Diederik ons uit bezuinigingsoverwegingen in de maag splitsen. En ik? Ik vind het zo gek niet, die economie van het genoeg. De Skidelsky’s halen in hun – wat mij betreft – geniale boek ‘How much is enough?’ uit 2012 de econoom John Maynard Keynes (u kent hem vast nog wel van het multipliereffect dat u werd onderwezen op de middelbare school) aan die voorspelde dat de mensen op een gegeven moment genoeg welvaart zouden hebben en dat dit door techniek en economische groei op den duur zou leiden tot een 15-urige werkweek. Niet omdat de mensen lui zouden zijn, maar omdat de mensen op een gegeven moment gewoon niet meer nodig hadden om een beetje lekker van te leven.

Herverdeling van werk, welvaart en welzijn?

De voorspelling van Keynes is niet uitgekomen, niet in de laatste plaats omdat er voor veel mensen blijkbaar niet zoiets als een ‘genoeg’ is. Maar toch: GroenLinks bepleit inmiddels een 32-urige werkweek, vermoedelijk met de gedachte dat een herverdeling van werk ook tot een herverdeling van welzijn en welvaart zal leiden. Of die uurtjes minder een op een aan anderen toekomen is maar de vraag, want misschien wordt dezelfde hoeveelheid werk wel in minder uren geperst. Dat zou zomaar kunnen. Maar laten we wel wezen: de kans is groot dat er in de toekomst minder werk zal zijn. De globaliserende wereld wordt steeds kleiner, werk wordt ge-outshored en ge-reshored naar en van landen met lagere lonen en werk wordt bovendien in toenemende mate overgenomen door robots en steeds slimmer wordende software. Is dat erg? Nee, mensen kunnen ook een zinvol leven kunnen leiden wanneer ze minder werken.

Groener gras aan de andere kant van de recessie

In de vorige eeuw zorgden de gegoede burgerij en de adel ervoor dat de arbeiders wat om handen hadden in hun schaarse vrije tijd, zodat ze geen amok zouden maken. De openbare orde diende immers niet verstoord te worden en zo kwamen er aan het begin van de twintigste eeuw verschillende sport- en gezelligheidsverenigingen met mooie stichtelijke namen. Wat dacht u bijvoorbeeld van vrouwenvereniging DEV/’Door Eendracht Verbonden’ of de voetbalverenigingen Viboa/’Voetballen is bij ons aangenaam’ en de AGOSV/’Apeldoornse Geheelonthouders-voetbalvereniging Steeds Voorwaarts‘? Maar: de wereld is niet meer die van honderd jaar geleden. Er zijn andere alternatieven. Ledigheid is niet zonder meer des duivels oorkussen. Het feit dat er in toenemende mate ruimte is voor discussies over minder werken en het onvoorwaardelijk basisinkomen, vind ik schone winst. Die veranderde houding, de deeleconomie en de technologie die dat mogelijk maken, kunnen ervoor zorgen dat we minder hoeven te werken en meer kunnen léven. Misschien met minder geld, maar wel met oog voor dat wat we wel hebben. Vooral ook immaterieel. Het hebben van halfvolle glazen is misschien zo erg nog niet. Net zoals werken om te leven in plaats van andersom. We zouden, net als die schoolverlaters en afstudeerders uit de eerste alinea zomaar eens kunnen zien dat het gras aan deze kant van de recessie groener blijkt te zijn en ineens zomaar verdomd happy kunnen worden… 

 

Groener gras aan deze kant van de recessie Van Akker Vindt 2014

 

 

PS: voor als je nog even niet zo happy bent of onder een steen hebt geleefd en het nummer nog altijd niet kende, hier bij wijze van service voor blijmakendheid de officiële video voor ‘Happy’ van Pharell Williams als instant happiness booster, doe er je voordeel mee!