Komt u ook zo happy uit de Grote Recessie?

Clap along if you feel like a room without a roof Van Akker Vindt 2014

Clap along if you feel like a room without a roof”

Herken je die oorwurm van Pharell Williams? Hij heet ‘Happy’ en staat wanneer ik dit schrijf alweer bijna drie kwart jaar in de vaderlandse hitparades. Good for Pharell natuurlijk, maar ook voor ons want de blijheid slaat genadeloos toe wanneer je het hoort. Misschien is het toeval, maar volgens mij is Nederland – achteraf gezien – ook ongeveer drie kwart jaar uit de recessie. Dat is alvast genoeg om vrolijk van te worden, want vijf jaar recessie was natuurlijk lang zat. Heel hard hoeven we ook nog niet te juichen, want die arbeidsmarkt die ziet er voorlopig nog helemaal niet zo rooskleurig uit. De media hebben sinds het begin van dit jaar vol gestaan met fabrieken die gingen sluiten en mensen die op straat kwamen te staan en ook jongeren en schoolverlaters komen verdomd lastig aan de bak. Maar staan de jongeren die tijdens die recessie voor het eerst de arbeidsmarkt betraden ook anders in het leven en meer specifiek in hun werkzame leven? Dat vroeg mevrouw Bianchi zich ook af, ze zocht het uit en ze publiceerde daar eind 2013 over.

Tevredener met baan ook als die minder opbrengt

Bianchi pakte er de gegevens bij van drie verschillende grootschalige onderzoeken in de Verenigde Staten van Amerika en concludeerde dat hoogopgeleiden die de arbeidsmarkt betraden ten tijde van ‘De Grote Recessie’ tevredener met hun werk waren dan hun soortgenoten die hun eerste schreden hadden gezet tijdens economisch goede tijden. Bianchi hield daarbij rekening met verschillende branches en keuzes die mensen hadden gemaakt op loopbaangebied en becijfert dat de arbeidsmarktbetreders in recessietijd ook nog steeds tevredener zijn als ze minder verdienen dan de cohorten die in betere tijden op de arbeidsmarkt kwamen. Bovendien houdt die extra baantevredenheid ook stand lang na dat de recessie over is, blijkt uit haar cijfers waarin ook gegevens zijn meegenomen van die andere crisis uit de tachtiger jaren van de vorige eeuw.

Hoera voor mentale halfvolle glazen

Die extra dosis tevredenheid wordt wellicht verklaard door de derde set longitudinale gegevens die Bianchi analyseerde, want daaruit blijkt dat mensen die in economisch beroerde tijden voor het eerst een serieuze baan zoeken, zich relatief minder bezig houden met nadenken hoe ze het beter hadden kunnen doen en ze zijn dankbaarder voor hun werk en het feit dat ze überhaupt werk hebben. Ze kijken dus meer naar wat ze wel hebben, dan naar wat ze niet hebben en een mentaal halfvol glas is nou eenmaal beter voor de mens dan het zich richten op dat deel van het glas dat nog gevuld had kunnen of moeten worden. En die lege ruimte in dat glas is er natuurlijk wel degelijk in barre economische tijden: de eerste banen die mensen weten te krijgen, zijn vaak slechter van kwaliteit, bijvoorbeeld een lager niveau en slechter betaald, dan wanneer zij in economisch florerende tijden de eerste stappen in hun loopbaan hadden gezet.

Never mind the Joneses!Never mind the Joneses  Van Akker Vindt 2014

Misschien maakt een recessie in die zin mensen wel bescheidener en nederiger in positieve zin en misschien ook wel wat minder materialistisch. Natuurlijk bestaat het ‘sociale’ internet 2.0 inmiddels al een kleine 10 jaar ofzo, maar ik vraag me af of het toeval is dat er nu sites zijn waar je een auto kan huren van iemand bij je in de buurt (Snappcar) die hem toch niet elke dag gebruikt, gereedschap of andere spullen kan lenen (Peerby) enzovoort. Niet langer ‘keeping up with the Joneses’ en proberen net zoveel spullen te bemachtigen als de mensen om je heen, maar delen waar dat kan en uit te gaan van jezelf en niet mee te gaan in een consumptistische maalstroom waar je per saldo niet gelukkiger van wordt.

De Skidelsky’s en de economie van het genoeg

Misschien is dit al een beetje het actieve burgerschap, de empowerment en de participatiesamenleving die de regering predikt. Maar.. dan met minder verspilling en minder consumentenbestedingen en dat laatste zal Rutte dan wel weer niet zo leuk vinden. Bovendien is dit iets wat van de mensen zelf komt en dat voelt toch wel een beetje anders dan die zogenaamde participatiesamenleving die Mark en Diederik ons uit bezuinigingsoverwegingen in de maag splitsen. En ik? Ik vind het zo gek niet, die economie van het genoeg. De Skidelsky’s halen in hun – wat mij betreft – geniale boek ‘How much is enough?’ uit 2012 de econoom John Maynard Keynes (u kent hem vast nog wel van het multipliereffect dat u werd onderwezen op de middelbare school) aan die voorspelde dat de mensen op een gegeven moment genoeg welvaart zouden hebben en dat dit door techniek en economische groei op den duur zou leiden tot een 15-urige werkweek. Niet omdat de mensen lui zouden zijn, maar omdat de mensen op een gegeven moment gewoon niet meer nodig hadden om een beetje lekker van te leven.

Herverdeling van werk, welvaart en welzijn?

De voorspelling van Keynes is niet uitgekomen, niet in de laatste plaats omdat er voor veel mensen blijkbaar niet zoiets als een ‘genoeg’ is. Maar toch: GroenLinks bepleit inmiddels een 32-urige werkweek, vermoedelijk met de gedachte dat een herverdeling van werk ook tot een herverdeling van welzijn en welvaart zal leiden. Of die uurtjes minder een op een aan anderen toekomen is maar de vraag, want misschien wordt dezelfde hoeveelheid werk wel in minder uren geperst. Dat zou zomaar kunnen. Maar laten we wel wezen: de kans is groot dat er in de toekomst minder werk zal zijn. De globaliserende wereld wordt steeds kleiner, werk wordt ge-outshored en ge-reshored naar en van landen met lagere lonen en werk wordt bovendien in toenemende mate overgenomen door robots en steeds slimmer wordende software. Is dat erg? Nee, mensen kunnen ook een zinvol leven kunnen leiden wanneer ze minder werken.

Groener gras aan de andere kant van de recessie

In de vorige eeuw zorgden de gegoede burgerij en de adel ervoor dat de arbeiders wat om handen hadden in hun schaarse vrije tijd, zodat ze geen amok zouden maken. De openbare orde diende immers niet verstoord te worden en zo kwamen er aan het begin van de twintigste eeuw verschillende sport- en gezelligheidsverenigingen met mooie stichtelijke namen. Wat dacht u bijvoorbeeld van vrouwenvereniging DEV/’Door Eendracht Verbonden’ of de voetbalverenigingen Viboa/’Voetballen is bij ons aangenaam’ en de AGOSV/’Apeldoornse Geheelonthouders-voetbalvereniging Steeds Voorwaarts‘? Maar: de wereld is niet meer die van honderd jaar geleden. Er zijn andere alternatieven. Ledigheid is niet zonder meer des duivels oorkussen. Het feit dat er in toenemende mate ruimte is voor discussies over minder werken en het onvoorwaardelijk basisinkomen, vind ik schone winst. Die veranderde houding, de deeleconomie en de technologie die dat mogelijk maken, kunnen ervoor zorgen dat we minder hoeven te werken en meer kunnen léven. Misschien met minder geld, maar wel met oog voor dat wat we wel hebben. Vooral ook immaterieel. Het hebben van halfvolle glazen is misschien zo erg nog niet. Net zoals werken om te leven in plaats van andersom. We zouden, net als die schoolverlaters en afstudeerders uit de eerste alinea zomaar eens kunnen zien dat het gras aan deze kant van de recessie groener blijkt te zijn en ineens zomaar verdomd happy kunnen worden… 

 

Groener gras aan deze kant van de recessie Van Akker Vindt 2014

 

 

PS: voor als je nog even niet zo happy bent of onder een steen hebt geleefd en het nummer nog altijd niet kende, hier bij wijze van service voor blijmakendheid de officiële video voor ‘Happy’ van Pharell Williams als instant happiness booster, doe er je voordeel mee!

 

 

Advertenties

Dit blog tot nu toe: een tussenstand na 15 duizend bezoekjes

Van Akker Vindt na 15 duizend bezoekjes
Veel mensen weten de weg te vinden naar dit blog en natuurlijk vind ik het leuk dat het ook gelezen wordt. Het aantal blogberichten groeit gestaag en daarom zet ik zo nu en dan de populairste berichten op een rijtje. Nog niet zo lang ging het over de meest gelezen berichten van 2013, maar nu wordt het weer tijd voor een opsomming van de populairste tien blogs tot nu toe, na ruim 15 duizend bezoeken. Doe er je voordeel mee!

De tien populairste berichten

  1. Deze banen verdwijnen vóór 2025 door technologische ontwikkelingen
  2. Oudere werknemer heeft last van negatieve beeldvorming
  3. Veertig het nieuwe dertig? Niet op de arbeidsmarkt!
  4. Sociaal akkoord: is de vakbeweging onderdeel van de oplossing of van het probleem?
  5. Interview: Wajong: Anne leeft met labels – deel 1 van 2
  6. Smartphonegebruik negatief voor werk-privébalans en gezondheid
  7. Direct leidinggevende heeft de sleutel tot duurzame inzetbaarheid in handen
  8. Vierkantjes en rondjes- over de (r)evolutie van het aanpassen van de taak en functie aan de werknemer in plaats van andersom
  9. Zwartepieten over Zwarte Piet
  10. Nevermind de Polen! Robots nemen ons werk over!

Dit blog tussenstand na 15 duizend bezoekjes Van Akker Vindt 2014

Ik wens jullie -zoals altijd- weer veel leesplezier!

Gerelateerde berichten

Dit blog: een tussenstand na 5 duizend bezoekjes

Veel leesplezier nogmaals! Van Akker Vindt 2013

Op 5 oktober 2012 schreef ik het eerste artikel met de titel ‘Uitgeperst’ voor dit blog over de positie van Jolande Sap na de verkiezingsnederlaag van GroenLinks eerder dat jaar. Een uitstekende timing zo bleek, want enkele uren na publicatie maakte Jolande Sap bekend dat ze zich terug trok als fractievoorzitter van diezelfde partij. Sindsdien zijn er verschillende blogberichten bijgekomen en na ruim 5 duizend bezoekjes vind ik het een mooi moment om een korte tussenstand te publiceren.

Ziehier de 10 meest gelezen berichten tot nu toe:

  1. Deze banen verdwijnen vóór 2025 door technologische ontwikkelingen
  2. Sociaal akkoord: is de vakbeweging onderdeel van de oplossing of van het probleem?
  3. Oudere werknemer heeft last van negatieve beeldvorming
  4. Direct leidinggevende heeft de sleutel tot duurzame inzetbaarheid in handen
  5. Vierkantjes en rondjes- over de (r)evolutie van het aanpassen van de taak en functie aan de werknemer in plaats van andersom
  6. A girl named Poekelien
  7. Smartphonegebruik negatief voor werk-privébalans en gezondheid
  8. Uitgeperst
  9. De republiek die je hoopte dat zou komen
  10. I-deals als maatwerk in de polder: koorddansen voor gevorderden

Ik vind het enorm leuk dat inmiddels toch al zoveel mensen mijn blog hebben weten te vinden en het ook veel leuke discussies heeft opgeleverd op bijvoorbeeld Twitter. Tot zover deze tussenstand. Veel leesplezier nogmaals!

 

Sociaal akkoord: is de vakbeweging onderdeel van de oplossing of van het probleem?

Samsom en Rutte kijken voor sociaal akkoord naar werkgevers en werknemers vanakkervindt.wordpress.com  2013Omdat Rutte en Samsom niet zondermeer kunnen rekenen op de Senaat om hun plannen voor de arbeidsmarkt en sociale zekerheid te steunen, dromen ze over Wassenaar, waar in de jaren tachtig het gelijknamige beroemde akkoord werd gesloten. Toen was er crisis en hoge werkloosheid, nu ook en dus kijken beide heren met de moed der wanhoop voor een oplossing naar werkgevers en werknemers, of specifieker: hun vertegenwoordigers. Maar kunnen we van de vakbonden eigenlijk wel een realistische en constructieve oplossing verwachten? Vakbonden lijken, net als hun politieke kameraden van de SP, meer van het behouden van verworven rechten te zijn, dan van het onderkennen van problemen en de noodzaak van het duurzaam oplossen ervan. De vakbond vergrijst, dus het zal wellicht de tijd van hun achterban wel duren, maar als samenleving en politiek worden we daar voorlopig niet veel wijzer van.

Eén op de vijf werkenden is vakbondslid

Om de werknemers van Nederland goed te kunnen vertegenwoordigen zouden de verschillende bonden een mandaat moeten hebben, dat voortvloeit uit een lidmaatschap van een groot deel van de Nederlandse werknemers. De organisatiegraad wordt door het CBS kortgezegd gedefinieerd als het percentage werkende werknemers dat lid is van een vakbond. En dat percentage is laag: was aan het begin van het millenium nog een kwart van de werknemers lid, eind 2011 was dit gedaald tot een op de vijf. De terugloop van de organisatiegraad komt doordat er minder werkende vakbondsleden zijn, terwijl de beroepsbevolking is toegenomen. Kortom: de vakbonden hebben géén direct mandaat van vier op de vijf werkende werknemers in Nederland. Neem een slokje thee of koffie en laat dit getal even rustig doordringen.

De werknemers van Nederland worden dus in de polder en aan de cao-tafels vertegenwoordigd door een club die een mandaat heeft van maar 20 procent van de mensen waar het om gaat. Als je dat doortrekt naar die Tweede Kamerverkiezingen die ik net noemde, zou dat betekenen dat we als volkje anno nu, na de verkiezingen van 2012 door alléén de PvdA of alléén de VVD vertegenwoordigd zouden worden. Elk van deze partijen heeft namelijk ook ongeveer 20 procent van de stemmen gehaald. Dat zouden we niet democratisch vinden, maar in diezelfde democratie laten we wél vertegenwoordigers van diezelfde 20 procent aanschuiven aan de onderhandelingstafels in de polder om zo’n beetje alle werkende werknemers te vertegenwoordigen.

Achterban bestaat overwegend uit goed beschermde oudere mannelijke werknemers

Naast het probleem van het beperkte mandaat als aandeel van alle werknemers, is er nog het probleem van wie de achterban van de vakbond vormt. Kort door de bocht kan je stellen dat vakbondsleden overwegend mannen zijn van tussen de 45 en 65 jaar oud die een vaste fulltime baan hebben. In 2012 was volgens het CBS maar een op de drie vakbondsleden jonger dan 45 jaar en mij verbaast dat niet. Wanneer de vakbond vooral een achterban vertegenwoordigt, zoals hierboven geschetst, leidt dat ertoe dat de bonden vooral strijden voor het behoud van verworven rechten van goed beschermde oudere mannelijke werknemers. De mensen die zonder werk zitten, op flexcontracten werken, jongeren en arbeidsgehandicapten voelen zich niet vertegenwoordigd en worden niet vertegenwoordigd. De standaardleus binnen de vakbond is ‘dat men dan maar lid moet worden’, maar zo werkt het niet in de echte wereld en deze houding maakt dat de vakbond verder vergrijst en langzaam uit zal sterven zolang daar niets in verandert. Veel cao’s worden algemeen bindend verklaard, maar zijn door bonden met een beperkt mandaat afgesloten. Diezelfde bonden spreken regelmatig van de zogenaamde ‘free riders’, die geen lid zijn, maar wel hun voordeel doen met het onderhandelingsresultaat. Maar met de verkokerde vakbondsvisie en de voordelen komen ook nadelen, de vakbond vertegenwoordigt immers vooral oudere mannen met een vaste baan en niet het algemeen belang. (Daar schijnen we immers de politiek voor te hebben?!)

 

Vakbond houdt teveel vast aan verworven rechten

Als het aan de bonden lag, was de pensioenleeftijd nog steeds 65 jaar en blijft de sociale zekerheid (bijvoorbeeld de huidige ww van maximaal 38 maanden) zoals die nu is. Daarmee gaan de vakbonden wel consequent voorbij aan het feit dat een dergelijke houding geen rekening houdt met het verschuiven van de economische macht op het wereldtoneel (denk aan de opkomst van de BRIC-landen), de huidige economische situatie en de demografische ontwikkelingen in ons land en elders in Europa. Hoewel veel mensen best die verworven rechten zouden willen behouden, zien de meesten daarvan wel in dat dat onder invloed van dergelijke trends op de lange duur niet houdbaar is. Er zijn duurzame en constructieve oplossingen nodig die het hoofd kunnen bieden aan dergelijke ontwikkelingen. Wanneer de vakbond de hakken in het zand zet en zich vastbijt om verworven rechten zoals een onbetaalbaar geworden sociaal vangnet te behouden, leidt dit tot stilstand en niet tot de hervormingen die zo hard nodig zijn. De vakbeweging beroept zich van oudsher op solidariteit, maar diezelfde solidariteit wordt de laatste jaren wel nogal eenzijdig ingevuld. Waar flexwerkers steeds minder rechten en zekerheid hebben en veel mensen, zoals jongeren, ouderen en arbeidsgehandicapten, überhaupt niet aan het werk komen, is het eenzijdig opkomen voor het behoud van de rechten van werkenden die tóch al goed beschermd zijn niet alleen weinig solidair te noemen, maar getuigt dit vooral ook van weinig visie vanuit de bonden.

Laat de vakbeweging ook eens ‘over de eigen schaduw’ springen

Sociaal akkoord - vakbeweging onderdeel van de oplossing of van het probleem

Bij de vakbeweging in Nederland werken bestuurders, onderzoekers en beleidsmedewerkers die zelf ook veel kennis hebben van de arbeidsmarkt en die, dat kan niet anders, ook moeten zien dat de huidige houding van de vakbeweging niet de weg voorwaarts is. De werknemers van Nederland schieten er niets mee op en de vakbeweging zelf zal zozeer haar relevantie verliezen in het huidige tijdsgewricht dat zij eraan ten onder zal gaan. Volgens mij zou het verstandig zijn als ook de vakbeweging, net als die fijne mensen van het lenteakkoord, ook eens ‘over hun eigen schaduw’ heen zouden durven springen. Zij zouden eens het lef moeten hebben om de achterban eens tegen te spreken en hen om échte solidariteit te vragen, namelijk solidariteit met hen die doorlopend werken op magere flexibele contracten, arbeidsgehandicapten en werklozen, zodat zij in de toekomst ook op een prettige manier kunnen gaan en blijven werken. Ik ben ervan overtuigd dat de bestuurders en medewerkers bij de verschillende bonden dit diep in hun hart ook wel weten en willen, maar dat ze geremd worden door de eigen conservatieve achterban. Ook bij de vakbond geldt: wiens brood men eet, diens woord men spreekt. 

Zolang dat niet verandert, hoeft men niet te polderen voor een vers rondje Wassenaar met bijbehorend sociaal akkoord en hoeft men geen werkelijke duurzame en constructieve oplossingen te verwachten vanuit die polder. Wanneer de vakbond ook in de toekomst blijft vasthouden aan een voorbij verleden, is het misschien een geruststelling dat zij samen met de eigen vergrijzende achterban gestaag zal uitsterven en zelf, door eigen toedoen, ook een deel van dat verleden zal worden. 

Polderkolder: waarin een klein land groot kan zijn

Onlangs was ik in Sri Lanka, een land waar het welvaartspeil ook zonder crisis substantieel lager ligt dan bij ons. Naast veel moois en vriendelijke, gastvrije mensen heb ik meer dingen gezien.

Tot een paar jaar geleden woedde in een deel van het land een burgeroorlog en ik heb verser dan ooit de verwoesting ten gevolge van oorlog mogen aanschouwen. Onrust, je inschrijven bij militairen voor je een gebied in gaat voor je eigen veiligheid, kapotte huizen en soms ook kapotte mensen die het toch nog kunnen navertellen. Daarnaast heb ik vrouwen in bussen zien bedelen met een in dat gebied blijkbaar gebruikelijke flyermethode. De briefjes waren opgesteld in een taal die ik niet kon lezen, maar aan hun enorme brandwonden in gezicht en hals te zien, vermoedde ik dat een verbolgen iemand uit de omgeving van deze vrouwen hen een onvrijwillige chemische behandeling had gegeven met een of ander zuur. En ja: hun hebben we net als vele anderen in die bussen wat geld gegeven. Aan het einde van de reis zagen we langs het spoor onderweg naar de hoofdstad kilometerslange krottenwijken, zoals ik die helaas ook ken uit andere landen. In de vervuilde hoofdstad zelf heb ik mensen zo goed en kwaad als het ging zien wonen op voetgangersbruggen boven stinkende asfaltwegen in het centrum. En dan heb ik het nog niet over vrouwen die voor omgerekend nog geen 3 euro per dag de hele dag kromgebogen op het strand visjes staan om te keren om ze te laten drogen in de tropische middagzon.

Dergelijke momenten zetten aan tot grote relativering over veel dat zich in ons kikkerland afspeelt en over de kranten die bol staan van de crisis, de zogenaamde ‘middeninkomens’ van huishoudens die meer dan 70 duizend euro verdienen en zich door Mark Rutte gepakt voelden met de inkomensafhankelijke zorgpremie een paar weken geleden, enzovoort. Ook toen ergerde ik me al. Stel dat je eens een paar tientjes extra kwijt bent. Boehoe.

Dan kom je thuis, nog in een waas van jetlag van het tijds- en temperatuurverschil en het feit dat je een nacht hebt overgeslagen op weg naar huis en krijg je de eerste berichten mee die hier spelen. Op de dag van aankomst ging het over de nieuwe dienstregeling van de NS en de kinderziektes bij de Fyra die maar niet op tijd wil rijden. Gaandeweg kwamen daar andere dingen bij. Een walvis die de verkeerde afslag nam, ondertussen op raadselachtige wijze Johannes werd gedoopt en voor het oog van de natie -zorgvuldig geïnformeerd door diverse kranten en journaals- stierf. Na de dood van bultrug Johannes werden niet alleen betrokkenen bedreigd die het die het dier ‘hadden moeten redden’, maar werd ook een stille tocht voorgesteld. Nu heb ik al een diepe hartgrondige hekel aan openbaar rouwbeklag via stille danwel lawaaitochten, maar dit slaat toch echt alles. De polderkolder ten top!

Dichterbij huis deden wijkbewoners een duit in het polderkolderzakje omdat de jaarlijkse kinderkerstmarkt dit jaar niet door de gemeente wordt gesubsidieerd en de gemeente daarmee ‘de kerstmarkt zorgvuldig om zeep had geholpen’. Blijkbaar kon de kinderkerstmarkt geen doorgang vinden omdat de gemeente niet meedeed. Onzin natuurlijk, een paar marktkraampjes huren kan ook zonder subsidie in de redelijk welvarende wijk waar ik mag wonen.

Ik merk dat al deze berichten voor mij slechts ruis zijn en concludeer dat als dit de dingen zijn waar onze media en onze samenleving zich druk maken, er eigenlijk nauwelijks van een crisis gesproken kan worden. Dit zijn heuse luxeproblemen. Ik heb al meer in arme landen gereisd en elke keer merk ik dat ik al deze stormen in glazen water sterker relativeer na thuiskomst: we hebben het echt heel goed met zijn allen. Maak jezelf niets anders wijs en laat anderen je niets anders wijsmaken. Mijn relativeringsvermogen zal ook weer slijten en wellicht zal ik straks ook weer klagen over kleine dingen, maar ik probeer dat niet te doen en elke dag even stil te staan bij wat we allemaal wél hebben. Laten we het ‘persoonlijke ontpoldering’ noemen.

Door oorlog verwoeste gebouwen in het centrum van Jaffna. Copyright: Sippy van Akker 2012

 

Gerelateerde berichten