Multi-jobs: meer banen = meer bevlogenheid?

Hybride werkers zijn bevlogener van akker vindt 2015Gisteren kwam de nieuwe versie van “Dynamiek op de Nederlandse Arbeidsmarkt” (DNA) uit, een dik boek vol onderzoek over flexibilisering op de arbeidsmarkt. In de DNA stond onder andere een onderzoek naar multi-jobbing en hybride werken, waarin deels de vraag werd beantwoord die ik enige tijd terug stelde. Namelijk worden mensen blij van meerdere banen? Het antwoord in het kort: ja ze kunnen er blij van worden en het bevordert de employability van de persoon in kwestie, mits hij of zij in meerdere banen werkt voor de afwisseling of de persoonlijke ontwikkeling. Intrinsiek gemotiveerd zijn is een voorwaarde voor dat tandje extra bevlogenheid, want mensen die alleen in meerdere banen werken om genoeg brood op de plank te krijgen worden daar niet direct blijer van.

Multi-jobben, combinatiebanen of hybride werken?

In Nederland werkten in 2014 7,5 procent van de Nederlandse werknemers in meerdere banen volgens het CBS. In het onderzoek in DNA worden helaas zowel de mensen met meerdere banen als werknemer (‘combinatiebanen’) als de personen die werknemerschap en ondernemerschap (‘hybride werkers’) combineren ‘multi-jobbers’ genoemd. Dit maakt het er niet zondermeer helderder op. Bovendien gaat het onderzoek alleen over mensen die vooral werknemer zijn en iets erbij doen, hetzij als werknemer, hetzij als ondernemer. Ondernemers die dus ook deels als werknemer bijklussen zien we dus niet in deze beschouwing terug. Dat is jammer, want het is niet ondenkbaar dat er ook ondernemers veel mensen zijn die misschien altijd of regelmatig als werknemer bijklussen.werken multi-jobbers meer dan anderen Van Akker Vindt 2015

Werken multi-jobbers meer dan anderen?

Nu terug naar de resultaten van het onderzoek, want die zijn wel degelijk interessant. Vaak wordt aangenomen dat meerdere banen onwenselijk zijn, omdat men impliciet of expliciet de aanname maakt dat het gaat om mensen die naast een fulltime baan nog meer moeten werken om rond te komen. Maar uitgaande van de cijfers van het CBS (die overigens door de opzet ervan niet helemaal het complete beeld tonen) blijkt dat niet het geval: mensen met meer banen werken gemiddeld 32 uur, tegenover 34 uur voor mensen met één fulltime baan. Voor de hybride werkers ligt dit anders: zij werken juist gemiddeld méér: namelijk iets minder dan 39 uur per week.

Multi-jobben uit eigen overtuiging positief voor bevlogenheid

Het is interessant om te zien dat hybride werkers, dus de werknemer die ook als ondernemer werkt, weliswaar meer uren maakt, meer werk-thuisinterferentie ervaart, maar dat dit niet tot meer burn-outklachten leidt bij deze groep. De hybride werkers zijn juist meer bevlogen, dit kan bufferend werken. Bovendien zijn mannen, hogeropgeleiden en mensen met een partner relatief vaker hybride werkers. Die partner kan zorgen voor voldoende financiële zekerheid zodat de hybride werkende partner de extra onzekerheid kan ondervangen. Hybride werkers zijn door de bank genomen meer ‘employable’ (inzetbaar) dan mensen met een combinatiebaan, die vaker uit pure financiële noodzaak kiezen om er meer banen op na te houden en dus alleen extrinsiek gemotiveerd zijn. Mensen die alleen vanwege het geld in meer banen werken, ervaren ook vaker burn-outklachten dan mensen die uit intrinsieke motieven voor multi-jobben kiezen.

Mooie aanknopingspunten voor HRM- en arbeidsmarktbeleid

Wanneer mensen ervoor kiezen om meer banen naast elkaar te doen of werknemerschap en ondernemerschap combineren, noemen de afwisseling en persoonlijke ontwikkeling als motieven om die keuze te maken. Dit werkt positief voor de bevlogenheid en de tevredenheid. Niet onlogisch. Ondernemers zijn gemiddeld bevlogener dan werknemers. Blijkbaar zijn ook parttime ondernemers die het grootste deel van hun werktijd besteden in een baan als werknemer wat bevlogener. Dit kan mooie aanknopingspunten bieden voor HRM- en arbeidsmarktbeleid.

meerdere banen alleen voor het geld leidt tot meer burn-outklachten Van Akker Vindt 2015

Advertenties

Werken in meerdere banen: meer werkplezier of meer brood op de plank?

werken in meerdere banen Van Akker Vindt 2014

Aantal werknemers met twee banen neemt toe” kopte het CBS vandaag en dat werd in verschillende media overgenomen. Ik heb de brontekst er bij gepakt en daar viel te lezen dat er vorig jaar 467 duizend mensen waren met twee banen en dat dit betekent dat een kleine 8 procent van alle werknemers het niet bij een enkele baan houdt. Een deel werkt in twee banen als werknemer, onder andere veel in de horeca en de gezondheids- en welzijnszorg. Een ander deel combineert het werken als werknemer met het ZZP-schap. Bij de groep die zowel werknemer is als ondernemer gaat het om mensen die ‘werken in de sectoren informatie en communicatie, specialistische zakelijke dienstverlening en openbaar bestuur en overheidsdiensten.’ Naast nog wat staatjes over de man-/vrouw- en de leeftijdsverdeling, vertelt het CBS nog iets over de werkuren: mensen met één baan werkten in 2013 gemiddeld een krappe 33 uur per week, werknemers die in twee banen werken, werkten ongeveer 32 uur en de werknemers die ook nog als zelfstandig ondernemer in de weer waren werkten gemiddeld bijna 39 uur per week.CBS 2014 werken in meedere banen Van Akker Vindt 2014

Sprokkelbanen of ontwikkelbanen?

De eerste conclusie is dat de kop van het CBS de lading niet dekt en de tweede is dat het CBS er rare definities op nahoudt in hun bericht, ze hebben het namelijk over een ‘tweede baan’ als zelfstandige en dat lijkt mij een tegenstelling in zichzelf. Tenzij ze hinten naar het leger schijnzelfstandigen dat tegenwoordig alom vertegenwoordigd is. Maar dat laatste lijkt me voor een club als het CBS niet waarschijnlijk. Hun werk is beschrijven en niet duiden. En dat laatste is wel jammer, want dit bericht roept bij mij gelijk heel veel vragen op. De belangrijkste is of de groei van het aantal mensen dat op meer plekken hun geld verdient komt door mensen die dat doen om überhaupt rond te komen, of dat dit is omdat mensen plezier en uitdaging vinden in het hebben van twee omgevingen waar ze hun geld verdienen?

Plezier, ontwikkeling en employability

Om met het laatste te beginnen: er zijn mensen die er bewust voor kiezen om hun geld op meer plekken te verdienen. Ik ben zelf zo iemand. Ik ben niet alleen verbonden als docent en afstudeerbegeleider bij de HRM-opleiding van een hogeschool, maar ik adviseer ook het management bij een HRM-organisatie. Deels doe ik in beide rollen vergelijkbare dingen, zoals het delen en toepassen van mijn kennis en analyseer ik dingen. Maar er zijn ook verschillen: in de ene rol ben ik semi-ambtenaar en in de andere werk ik voor een onderneming, die weliswaar een maatschappelijk betrokken hart heeft, maar waar er toch ook gewoon geld moet worden verdiend. Ik kan op beide plekken veel leren en de kennis en ervaring van de ene rol zijn ook nuttig om toe te passen in de andere en vice versa. sprokkelbanen of ontwikkelbanen - werkplezier Van Akker Vindt 2014Ik doe het dus voor mijn plezier: ik kan mezelf zo breder ontwikkelen en in verschillende rollen mijn kennis en vaardigheden toepassen. Voor mij is dit een vrijwillige en bewuste keuze, die bovendien een positieve bijdrage levert aan mijn employability en inzetbaarheid. Dergelijke motieven kunnen andere mensen ook hebben, ongeacht of ze bijklussen als werknemer of als zelfstandige en daarmee een ‘hybride arbeidsrelatie’ hebben, zoals dat wel wordt genoemd. Een andere reden om meerdere banen te combineren of een baan te combineren met het zzp-schap die in de literatuur (Huiskamp, Sanders, Van den Bossche, 2011) is als een soort verzekering tegen onzekerheid, dus bijvoorbeeld bij een tijdelijk contract of in economisch onzekere tijden. In het onderzoek in kwestie is voor deze reden geen bewijs gevonden. Ik heb geen uitvoerige literatuurstudie gedaan en misschien is hier recenter onderzoek over, maar die uitkomsten zouden in recenter onderzoek zomaar anders kunnen zijn omdat de onderzoekers data gebruikten uit 2007, dus voor de wereldwijde economische crisis in volle omvang was losgebarsten.

Meerdere banen om rond te kunnen komen

Waar dezelfde onderzoekers wel bewijs voor vonden was dat heel veel mensen meer werken, in dit geval in meerdere banen of deels als zelfstandige om meer geld te verdienen. In ongeveer 4 op de 5 gevallen ging het dan om mensen die een beetje bijklusten om wat bij te verdienen voor ‘extraatjes’, maar niet uit noodzaak. Maar in 1 op de 5 gevallen was dit wel noodzakelijk om rond te kunnen komen. In dat laatste geval denk ik dat het gaat om mensen met banen aan de onderkant van de arbeidsmarkt, met weinig perspectief, weinig arbeidsuren en weinig zekerheid, het zogenaamde ‘Precariaat’ waar Standing het in zijn boek (2011) over heeft. Werkende armen dus. Voor deze groep is het letterlijk een keuze uit armoede. Ook hier geldt natuurlijk dat het zomaar zou kunnen dat die groep zomaar groter geworden kan zijn, nadat de gegevens in 2007 werden verzameld en de uitkomsten er nu weleens anders kunnen uitzien. De werkloosheidscijfers zijn de afgelopen 5 jaar erg ver opgelopen en schommelen dit jaar (CBS Statline, 2014) tussen de 8 en en 9 procent. Het CBS geeft de cijfers vanaf 1996 en in de tussenliggende periode zijn de werkloosheidscijfers niet zo hoog geweest als nu. Het lijkt me dus niet ondenkbaar dat mijn hypothese dat nu meer mensen uit noodzaak in meerdere banen werken zomaar eens waar kan zijn. Ik heb even geen recentere gegevens paraat en voor mij roepen de vandaag door het CBS gepubliceerde cijfers in die zin meer vragen op dan ze beantwoorden. In die zin vind ik het jammer dat de toelichting vooral bestaat uit beschrijving en niet uit duiding. Hoe het op dit moment echt zit, weet ik helaas niet. Wie het weet mag het zeggen…

werkende armen Van Akker Vindt 2014